Wie zijnen hoed is dit, wie zijnen hoed is dat, wie zijnen hoed mag dat toch zijn?

Foto’s

Vandaag nemen we het zomerpaleis onder de loep. We voorzien drie uurtjes, maar het is zo boeiend dat we er uiteindelijk bijna een ganse dag spenderen.

Maar voor we daar zijn, nuttigen we ons ontbijt zoals gisteren op de kamer. We hebben gisterenavond nog wat noedels gekocht met pikant rundsvlees. Ik garandeer je dat als je dit ’s morgens eet je onmiddellijk klaar wakker bent. Gelukkig hebben we voor morgenvroeg brood gevonden. De smeerkaas met aardbeien niet te na gesproken, zorgt voor een aangename afwisseling. We zijn nog maar een week weg en de noedels en rijst komen al langs ons oren uit ;-)

Na dit vijfsterren ontbijt verkassen we met de metro naar ‘Suzhoujie’ een dertig  minuten trammen verder. Dankzij de app die onze vrienden Danie en Etienne doorstuurde, is het kinderspel om in de Beijing Metro onze weg te vinden. Ik weet niet of jullie die gebruikt hebben Etienne (E10), maar dit is echt een geweldig hulpmiddeltje. Vanaf ‘Suzhoujie’ nemen we nog een taxi. Door het eerste stuk met de metro, omzeilen we natuurlijk de ochtendfiles.

Onze reisgids (Capitool) verklapt dat we drie uren moeten voorzien om rond te geraken, maar na zes uren ronddolen hebben we nog niet de helft van de bezienswaardigheden gezien. We zullen hier nog een keertje moeten terugkomen.

Kaart Zomerpaleis

De Chinese tekens beginnen ons meer en meer te intrigeren. Maar hoeveel moeite we ook doen, het is en blijft niet allen bij spreekwoordelijk Chinees ;-). Gisteren lieten we ons door een Taiwanese vertellen dat er veel verschillende dialecten zijn, maar dat de schrijftaal hetzelfde is. (Tsang Tsey, spreek me tegen als het niet zo is ;-). De tekens worden ook gewoon van links naar rechts gelezen, hoewel dat op de oudere monumenten nog van rechts naar links moet gelezen worden. Voor ons zal het in ieder geval worst wezen. Zelfs van onder naar boven begrijpen we er geen jota van. Wij hebben in ieder geval een leuk aandenken van gisteren met onze namen in Chinese tekens.

Hilde Erik in Chinese tekens

Om te eindigen in het Zomerpaleis nemen we nog een overzet over het Kunming-meer naar de marmeren boot. Of hij daadwerkelijk rond vaart, daar hebben we zo onze twijfel over J, maar hij is toch wel echt van marmer. Na een uitgebreide fotosessie voelen we dat de lucht afkoelt en dat er onweer op komst is. Natuurlijk breekt dit in alle hevigheid los op het ogenblik dat wij terugvaren. De hemelsluizen laten zich volledig gaan en trakteren ons bovendien op afschrikwekkende lichtflitsen en donderslagen dat horen en zien vergaan. Als we na enkele doodsbange momenten, door de stuurmanskunsten van de kapitein toch kunnen aanmeren is het bovendien zo hard beginnen waaien dat iedereen door en door nat is. De boot is het speeltje van het meer geworden, de golven beuken om ter hardst tegen de boot in. Het zicht wordt herleid tot nul. Iedereen blijft angstig op de boot zitten. Wij springen echter, mekaar goed vasthoudend, op de kant en rennen door de striemende regen naar het dichtstbijzijnde gebouw. De honderd meter die we moeten overbruggen maakt ons door en doornat. De rest van de passagiers blijven gelaten op de boot zitten, doodsbang om op de kade te springen.

Na tien minuten gaat de storm liggen, sirenes maken de apocalyptisch sfeer compleet. Het ene na Het andere brandweercorps drumt naar afgerukte bomen, ondergelopen gebouwen, afgerukte daken. Wij komen er in de toiletten met de schrik vanaf.

Na nog een kwartier trekt de hemel terug op alsof er nooit iets is gebeurd. Wij hebben genoeg van de keizer zijn vakantieoord en laten ons door een taxi aan het dichtstbij zijnde metrostation afzetten en sporen naar de Kolenheuvel in het ‘Jing Shanpark’ dat we eergisteren wegens te moe lieten links liggen. We negeren de wegversperringen naar boven en gaan toch via de gladde trappen opwaarts om van een heerlijk uitzicht op de Verboden Stad en Beijing te genieten. Dit geweldig uitzicht doet ons het onweer snel vergeten.

Zicht op verboden stad

Na dit ‘quality-momentje’ wandelen we (omdat de taxichauffeurs niet echt meewillen) naar het operagebouw via het Tian‘an Men plein (waar we trouwens nog een wissel van de wacht meepikken om de vlag te strijken). We hadden graag nog een voorstelling in het operagebouw meegepikt, maar we vrezen dat we beiden het einde van de voorstelling niet zouden halen en iedereen met ons gesnurk zouden storen ;-).

Operahouse

Als we terug in het hotel komen, zijn we beiden pompaf… Onze stappenteller gaat een stuk boven de dertigduizend. Wel zijn we gelukkig dat onze treinticketten voor onze volgend vier verplaatsingen hier zijn toegekomen. Niets te vroeg want morgenavond nemen we de trein naar Pingyao.

We sluiten af in een plaatselijk restoke in de Hutongs nabij ons hotel, waar ze blijkbaar nog niet veel ‘Lawaai’ ( fonetisch voor vreemdeling) gehoord (euh gezien) hebben. De kaart is weerom uitsluitend in het Chinees, dus met onze app met Mandarijnse vertaling kunnen we kip met rijst en groentjes bestellen. Hilarische taferelen als we de vertaling proberen na te zeggen. Maar met humor bekom je zoveel meer.

En oeps… waar is mijn hoed toch? Waar is mijn hoed? Waar is mijn Australische hoed toch gebleven? Jammer maar helaas, ben ik hem onderweg ergens kwijtgespeeld. Wellicht is Thor, de God van de donder ermee aan de haal.

Deel onze weg

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *