Tagarchief: Sucre

Zebra’s in de stad

Zakken maar

Ons appartement in Potosí, was gelukkig groot genoeg om de hele nacht in rond de dwalen zonder dat ik Hilde moet wakker maken. Mijn longen branden van de pijn, we ontbijten en besluiten om zo snel mogelijk af te zakken naar Sucre dat toch 1300 meter lager is gelegen.

Tegen kwart voor acht staan we gepakt en gezakt aan het onthaal, betalen onze overnachtingen en vragen aan de gastheer om een taxi te bellen. “Oh”, antwoordt hij, “dat is niet nodig, rond deze tijd rijden er taxi’s zat, we houden wel een tegen.” Inderdaad hij stapt buiten en de eerste auto die passeert is een taxi die ons naar de verzamelplaats van de trufi’s brengt die naar Sucre rijden. Als we op de verzamelplaats voor de trufi’s komen, worden we langs alle kanten aangesproken voor een taxi. We wijzen ze allemaal af omdat we eerst even de boel willen overzien. Voor 100 B$, zo’n 12 euro worden we tot voor onze B&B gebracht in Sucre. Hilde twijfelt nog even omdat ze er nog iets wil afpitsen, maar voor die prijs 130 km verder, gaan we op den duur toch akkoord.

Slaapwel

Zigzaggend zoekt de chauffeur zijn weg naar de hoofdstad van Bolivia, ik weet er deze keer niet veel van omdat ik omval van de slaap en er uiteindelijk ook aan toegeef. We zijn dus sneller op onze nieuwe locatie dan ik me had voorgesteld. Hilde heeft het iets minder comfortabel op de middelste plaats op de achterbank tussen twee slapende mensen.

In ons sas

We worden ontvangen door een studente die ons in het Vlaams aanspreekt, ze woonde twee jaar in Lint en leerde Nederlands in Mechelen. Ze beheert onze taal meer dan behoorlijk. Ons optrekje is een stuk kleiner, maar we voelen ons onmiddellijk in ons sas. De sfeer is geweldig en de omgeving evenzo.

Stadszicht Sucre
Stadszicht Sucre

Omtrek van mijn longen

We verkennen nog eventjes de stad vooraleer toe te geven aan een middagdutje na onze slechte nacht. Het ademen verloopt alvast een stuk beter, maar ik kan met een stift de omtrek van mijn longen op mijn bast tekenen, zo goed voel ik waar ze liggen. We regelen tijdens onze verkenning een vliegtuig voor La Paz binnen twee dagen en leggen onze B&B vast voor nog een extra nacht. Ik hoop dat ik tijdens deze twee dagen voldoende herstel, want La Paz lig weer een stuk hoger op ongeveer 3600 meter. We konden ook kiezen voor de nachtbus naar La Paz maar een hele nacht schudden in een overvolle stinkende bus, laat ik met plezier aan ons voorbij gaan. Voor een paar euro meer sparen we trouwens meer dan twaalf uur uit. We maken ook plannen voor een volgende expeditie, toch daar vertel ik later meer over.

Studenten en scholieren

Nadat ik voldoende de binnenkant van mijn oogleden heb bestudeerd, trekken we terug de stad in en genieten van al het lekkers dat Sucre, trouwens de wettelijke hoofdstad van Bolivia, te bieden heeft. La Paz huisvest de regering, in Sucre is als enige noemenswaardige overheidsinstantie het Hooggerechtshof geïnstalleerd. Een meer dan leuke stad waar de hele dag studenten en scholieren zich amuseren op de talrijke pleintjes die de stad rijk is.

We sturen de rekeningen

We proberen nog enkele winkels op zoek naar wat extra kledij, met succes deze keer. We sturen de rekeningen nogmaals door naar de luchtvaartmaatschappij, maar vrezen dat dit parels voor de zwijnen zijn.

Amazonegebied

We kruipen vroeg onder de wol, en ik moet zowat mijn record slapen verbroken hebben. Ik voel mij al een stuk beter en we wapenen ons voor een tweede ronde Sucre. We hebben een nachtje geslapen over onze nieuwe expeditie en leggen een retourtje La Paz – Rurrenabaque vast waar we drie dagen in het Amazonegebied zullen ondergedompeld worden.

Zebra’s

We zien verschillende zebra’s in het centrum rondlopen… “Zebra’s?”, hoor ik je denken. Wel dit zijn jongeren verkleed in zebra’s die in heel Bolivia de mensen veilig over de zebrapaden leiden. We zagen hier trouwens in België een reportage van op ‘Evenaar’, onze favoriete reiszender. Alle centrale pleinen die we tot nu toe zagen in zowat alle plaatsen waar we waren, zijn min of meer op dezelfde manier ingericht. Het is een beetje opgevat als een park met veel lommer, fonteinen, standbeelden en vele banken waar je kan relaxen. Een leuke ontmoetingsplaats waar het goed toeven is. Niet alleen de pleinen zijn trouwens leuke ontmoetingsplaatsen, ook de centrale laan in het kerkhof is zodanig opgevat dat jongeren hier elkaar ontmoeten, musiceren, hun bokes komen eten en vrijen met hun lief op een van de vele banken.

Begrafenisstoet

Op het kerkhof zijn we getuige van een begrafenisstoet van een Quechua, het verdriet van de eindeloze stoet die de lijkwagen volgt, is intens.

Long-weet-ik-veel-wat-probleem

We stoppen nog maar eens bij een apotheker en vragen een straffer middeltje voor onze verkoudheid/keelontsteking/long-weet-ik-veel-wat-probleem. Ze geeft ons het strafste dat ze in huis heeft. Ik weet niet welk verboden middel ze in mijne koffer gedraaid heeft maar minder dan een half uur later zijn we beiden een stuk beter.

Taxi!

We sparen vandaag onze korte asem en nemen iedere keer een taxi om van de ene bezienswaardigheid naar de andere te rijden. Het kost ons iedere keer, hoe groot de afstand ook is € 1,2. Zeg nu zelf, daar kunt ge uw schoenen toch niet voor verslijten. Trouwens op het einde van de dag hebben we nog 15.000 stappen.

Artiesten

In het noorden van de stad heb je het park van Simon Bolivar. Ik zie er drie studenten gitaristen bezig, die ik een liedje voor ons laat zingen. Als ze blijven oefenen zullen het nog grote artiesten worden. Helemaal aan de andere kant van de stad in het zuiden op een heuvel bevindt zich Recoleta, hier heb je een prachtig uitzicht op de stad.

Recoleta
Recoleta

Cederboom

We bezoeken daar nog een klooster van Fransicaners, waar we weerom een privé rondleiding krijgen. In het convent bevindt zich een Cederboom van 1500 jaar oud, waar je een wens kan doen als je driemaal tegen de klok in rond de boom loopt of voor een geweldig huwelijk als je één keer met de klok mee loopt. Wensen is toch slechts voor persoonlijke verrijking, dus wij lopen… juist, linksom 😉 Je hebt 12 mensen nodig om hand in hand rond de boom te geraken. Ook hier, net zoals in de rest van de bezienswaardigheden betalen niet-Bolivianen drie keer zoveel als Bolivianen. Als je weet dat onze toegang telkens nog geen 20 cent kost, hoor je ons niet klagen.

Kantuka

Hilde kan nog een foto nemen van een Kantuka, de nationale bloem van Bolivia. De kleuren van de bloem komen voor in de kleuren van de vlag. Trouwens zo leerden we vorige week van onze Italiaanse vrienden dat de kleuren van de vlag altijd wel een betekenis hebben. Zo staan de kleuren van de Italiaanse vlag voor het volgende: Rood, voor het bloed dat gevloeid is tijdens de onafhankelijkheid, wit voor de vrede en groen voor de natuur… Weet iemand waarvoor het zwart en het geel staat in onze vlag? 😉

Kantuka, Nationale bloem
Kantuka, Nationale bloem van Bolivia

Aalmoes

We krijgen vandaag een voorstel van Latam voor het geleden leed van de voorbije veertien dagen zonder rugzak😉. We aanvaarden hun aalmoes onder voorwaarde dat ze na dertig dagen, wanneer ze stoppen met zoeken, de volledige inhoud van de rugzak vergoeden.

We zoeken het hogerop

Hoogst gelegen stad ter wereld

Foto’s Potosí

Potosí, de hoogst gelegen stad ter wereld, op zo’n 4060 meter hoog. Bekend vooral voor het zilver. Er zijn hier nog enkele actieve zilvermijnen, die zelfs kunnen bezocht worden. De veiligheid schijnt nogal aan het toeval overgelaten te worden, dus beslissen we om ze toch maar niet te bezoeken, we nemen zo al genoeg risico’s.

Uitlaatgassen

Het is een geweldig leuke stad, maar de nauwe straatjes en het toch drukke verkeer, met in het bijzonder de microbussen, zorgen nogal voor wat uitlaatgassen. Hilde loopt zelfs dikwijls met haar zakdoek voor haar mond.

Quechua

In het eerste gebouw dat we bezoeken, de ‘Torre de la Compañia de Jesús’ krijgen we een mooi overzicht over de stad, een mirador zoals ze hier zeggen. Ons ticket kunnen we bewaren om vanavond de stad in het donker te komen bekijken. We lopen de rest van de voormiddag de stad plat en vallen van de ene verwondering in de andere. Allemaal prachtige gebouwen met zowel Spaanse invloeden als de kleurrijke aanvullingen van de inheemse bevolking, waaronder de Quechua.

Medicijnenzakje

We bezoeken nog wat apothekers om onze medicijnenzakje wat aan te vullen. En kuieren nog wat door de stad van de ene bezienswaardigheid naar de andere. Ook de Mercado Central is een aangename stop, het heeft een totaal andere setting dan de markten die we tot nu toe bezochten.

Mercado central
Mercado Central

Zilverwerk vol met coca

We mislopen onze afspraak in de voormalige muntslagerij van Bolivia ‘Casa de la Moneda’, maar vlak na de middag krijgen we nog een tweede kans om het museum te bezoeken. Deze keer zijn we wel op tijd, de poort is zelfs nog gesloten als we er voor de tweede keer arriveren, we willen natuurlijk geen tweede keer een blauwtje lopen. Aan de ingang zit een oude Boliviaanse vrouw die zilverwerk verkoopt. Ze houdt haar zakje cocablaadjes vast, waarvan ze een voor een de nerf uit het blad haalt alvorens ze dit in haar mond steekt. Ze ziet dat ik haar in het oog houd en ze vraag of ik enkele blaadjes moet hebben. Natuurlijk wil ik het wel eens proberen zonder die bittere nerf. Ze geeft me een handvol en ze is maar wat blij met die twee Boliviano die ik haar geef. Ik probeer het dus terug op de juiste manier door de nerf te verwijderen en het smaakt al een stuk beter, niet in die mate dat ik er verslaafd zal aan geraken. Mijn benen voelen precies al wat lichter aan en volgens Hilde is de schelmerij in mijn ogen nóg meer toegenomen😉.

Veiligheidsagent

Het museum zelf is meer dan de moeite waard, een wandeling door de geschiedenis van het slaan van munten. We krijgen zelfs een rondleiding in het Engels en worden op de voet gevolgd door een veiligheidsagent…

Mirador

De kathedraal is open tot 17 uur, dus we besluiten die eerst te bezichtigen alvorens we naar Museum Santa Theresa gaan. Ook voor een rondleiding krijgen we een persoonlijke gids mee. We zijn trouwens alleen in de kathedraal en dat geeft toch een bijzonder sfeertje. Ook de mirador boven in de klokkentoren met zicht op de stad is zeker de moeite waard, maar de hoeveelheid trappen die we vandaag slikken begint buiten alle proporties te geraken.

El Cerro Rico
El Cerro Rico

Thee

Aangezien we tot zeven uur dertig hebben voor Santa Theresa, beslissen we om eerst een koffie te gaan drinken, ons middagmaal hebben we geskipt en onze magen beginnen toch te reclameren. We nemen een versnapering in een leuke bistro, daarbij nemen we nog een thee, op basis van… juist, cocablaadjes. Precies gewone thee, en ik voel niks.

Kloostergang

We komen pas in het klooster museum van Santa Theresa aan om 17u30 en wat blijkt… dat de toer anderhalf uur duurt en dat ze sluiten om 18 uur. We nemen toch een ticket omdat we de kloostergang willen bezichtigen. Als we in die kloostergang wat foto’s aan het nemen zijn, komt er toch een nonnetje achter ons gelopen met een mandje vol sleutels en ze laat ons op een drafje alle hoekjes en kantjes van het klooster zien… Ze moet elke deur openmaken met een andere sleutel en achteraf weer afsluiten. ’t zal mijn hoog knuffelgehalte weer geweest zijn zeker. Wat er ook van zij, zeker de moeite waard.

Mirador bij nacht

’s Avonds sluiten we af in het ‘Torre de la Compañia de Jesús’ waar we nog recht hadden op een bezoek aan de mirador bij nacht. Het zicht op de verlichte stad is een voltreffer.

Potosí by night
Potosí by night

Longoedeem

De cocktail van te veel trappen, te veel luchtvervuiling en de grote hoogte, maakt dat ik ’s nachts moeite heb om te ademhalen. De angst slaat mij om het hart als ik op internet zoek wat het probleem zou kunnen zijn, en vooral hoe we het kunnen oplossen. Dokter internet is nooit een goed idee en zo is het ook deze keer niet. Er wordt gesuggereerd dat het wel eens longoedeem zou kunnen zijn, temeer dat het gepaard gaat met tintelingen in het gelaat. Mijn lippen en nagels zien nog niet purper, maar ik voel mij toch niet gerust. Iedere keer ik mij toch probeer neer te leggen is het of mijn luchtpijp toevalt. Ik doe de hele nacht geen oog dicht. Gelukkig verhuizen we vanmorgen naar de wettelijke hoofdstad van Bolivia: Sucre, dat toch een stuk lager ligt (2850 meter).