Tagarchief: Chengdu

Matriarchaat

Foto’s

We leggen een aanbod naast ons neer om in Chengdu te blijven en er Engelse les te geven. We besluiten dus maar om vanmorgen een taxi voor minder dan € 5,- naar de luchthaven te nemen en onze Chinareis verder te zetten.

Na ons Laos avontuur vorig jaar met Air-Laos kan zowat alles. We vinden een vlucht voor € 180,- met Capital Airlines  voor ons beiden naar Lijiang, gelegen in de provincie Yunnan.  Na een uur en een kwart vliegen landen we stipt op de luchthaven van Lijiang. De landing is spectaculair. De aanvliegroute ligt tussen vierduizenders, zowel links als rechts stijgen de bergen boven ons uit.  Als we landen zitten we zelf op 2400 meter. Hopelijk krijgen we geen last van hoogteziekte.

Lijiang Landing tussen de bergen van de Jade Draak

Lijiang is gelegen in een aardbeving-gevoelig gebied en kwam in 1996 in het nieuws als de stad zowaar helemaal verwoest werd. Met internationale hulp werd alles terug opgebouwd en kon de oude stad – die de mooiste van China heet te zijn – terug worden opgebouwd. En staat nu zelfs op de Unesco Werelderfgoed-lijst.

Als je weet dat er in België al een groot verschil is tussen een Limburger en een Antwerpenaar, dan hoef ik niet te vertellen dat het verschil hier nog veel frappanter is tussen de inwoners van de verschillende provincies.

De Naxi, afstammelingen van Tibetaanse nomaden, hebben Lijiang als hun geestelijke hoofdstad en er lopen hier nog heel wat rond (zo’n slordige 300.000) en die leveren natuurlijk in hun klassieke klederdracht zeer leuke foto’s op. Trouwens deze bevolking gaat gebukt ;-) onder matriarchaat, de vrouwen werken hier voor de kost terwijl de mannen zich enkel wat mogen bezighouden met tuinieren en muziek maken.  Ik doe navraag voor immigratie, maar Hilde wil mij niet helpen bij het invullen van de Chinese papieren ;-)

Naxi in vol ornaat

Alle gekheid op een stokje, als Pingyao al een pareltje is dan schieten woorden ons te kort om Lijiang  te beschrijven.  Natuurlijk kan het niet anders dan dat het stadje overspoeld wordt door toeristen, vooral vandaag zondag is het hier over de koppen lopen. Weliswaar haast voor 99,9% Chinezen.

We laten ons verdwalen in al die pittoreske straatjes en komen uiteindelijk terecht in het ‘park van het Meer van de Zwarte draak’. Een van de meest fotogenieke plekken in Azië. De wolken willen niet echt mee en ‘Snow Moutain’  in het ‘Jade Dragon-gebergte’ ligt helemaal gehuld in de wolken. Maar zelfs dan nog levert het leuke beeldjes op.

Het park van het meer van de zwarte draak

We proberen voor morgen een trip naar de Tiger Leaping Gorge (de diepste kloof ter wereld) te regelen. De organisatie waar we na lang zoeken een Engelssprekende Chinees vinden, wil ons wel inschrijven voor morgen, maar krabbelt na een telefoontje met zijn baas terug. De weersomstandigheden voor morgen zijn niet goed genoeg en dan is het veel te gevaarlijk. Volledig mee akkoord, ware het niet dat wij voelen dat zijn baas volgens ons geen westerse toeristen mee wil. Enfin, we proberen morgen opnieuw en desnoods zetten we onze zoektocht naar een andere organisatie verder. In het slechtste geval nemen we een taxi en zien we wel hoe het verder moet.

We verdwalen nu echt helemaal en nadat we de hulplijn van enkele Chinezen inroepen om ons terug op het rechte pad te krijgen, laten we ons verleiden voor een waar Jak-festijn met als toetje wat kippenpoten. De Jak is overheerlijk en ook de kippenpoten zijn niet slecht, maar aan die zwarte klauwen zit toch wat weinig vlees aan.

Kippenpoten

Het plan was om vanavond met onze Belgische biervlag wat keet te gaan schoppen in één of andere lokale kroeg. De meeste kroegen hebben grote schermen opgesteld voor de clash tussen België en Rusland, (voor de andere matchen ook hoor) maar ik voel dat mijn lichtje stilaan aan het doven is voor vandaag. Het zal een wonder heten als ik hier op de kamer al tot de aftrap volhoud (start middernacht). De Chinezen supporteren alvast voor de Belgen (Belishi) zoals ze het hier zo leuk kunnen zeggen. In ieder geval hier heerst er een ware WK-manie, de sportzenders hier zenden 24 op 24 uit, telkens in een truitje van hun favoriete ploeg van de dag. Vandaag dus in de Belgische truitjes.

Hot Pot festival

Foto’s

Vandaag is weer onze laatste dag in Chengdu en we maken er maar weer een ‘tempeldagje’ van.  In de voormiddag nemen we Qinyang Gong of de ‘tempel van de groene geiten’ onder de loep. Deze valt vooral op door zijn zwarte achtergrondkleur en natuurlijk zijn twee geiten die glad gewreven zijn door de duizenden gelovigen die hem dagelijks onder handen nemen. Ik denk bij mezelf, laat ik er ook maar eens op wrijven,  baat het niet, het schaadt hopelijk ook niet. Mijn haar en verstand zijn nog altijd in dezelfde orde van grootte als gisteren, maar ik had misschien harder moeten wrijven.

Na deze wrijfgeiten-tempel, wandelen we verder naar de Wuhou Ci. Oorspronkelijk een gedenkplaats die al snel een toeristische attractie werd sedert de Tangdynastie (!), nu een soort van Mausoleum van Liu Bei die zich tijdens de Mingdynastie (zo’n 750 jaar later) liet opmerken.  Leuke plek met veel groen en mooie beelden.

Qingyang Gong Tempel van de groene geiten - Hilde kust draak

Na de laatste rustplaats van deze moedige Mingdynastieke-gabber staat de zon op haar hoogste punt en onze kilometerteller staat al weer roodgloeiend. We stoppen aan een restaurant waar veel locals zitten. Niet dat we hier al een restaurant zijn tegengekomen waar veel westerlingen zitten, om de eenvoudige reden dat hier niet veel westerlingen rondlopen.

Na een eenvoudige maar lekkere maaltijd voor nog geen € 10,- zijn onze batterijen weer opgeladen om de volgende confrontatie met nog maar eens een Boeddhistische tempel aan te gaan. Deze keer nemen we wel de metro uit angst dat ons kilometertellertje gaat ontploffen.

De paviljoenen van de Wenshuttempel zijn gelegen in een leuk park waar de locals naartoe komen om tot rust te komen. De tempel is gewijd aan de Bodhisattva van het verstand. Na de gebruikelijke confrontatie met mijn evenbeeld Bouddha, genieten we van het mooie parkje.

Wenshutempel of Manjushri

Beide tempels zijn blijkbaar een geschikte plaats voor de dames om het Tai Chi te beoefenen. We herkennen nog enkele bewegingen, maar kunnen ze toch niet meer nadoen. (Daar verschieten jullie van hé dat wij ooit Tai Chi hebben beoefend ;-)).

We gaan ’s avonds op onze elan verder en brengen nog een bezoekje aan het vlakbij ons hotel gelegen ‘Peoples park’ waar een bedrijvigheid heerst van jewelste. Het is zaterdag en iedereen geniet hier samen met zijn familie van zijn vrije dag. Er wordt gezongen dat het een lieve lust is. Drie karaokes op minder dan twintig meter van mekaar proberen mekaar te overstemmen met een kakafonie aan valse noten. De fiere partners van de zangers klappen in hun handen, terwijl de volgende zanger zich meester maakt van de microfoon zonder dat het vorige zangwonder op de appreciatie van het publiek kan rekenen.

Peoples park - kaarters

Er wordt met de kaarten gespeeld, kinderen stoeien in het water, er wordt met boten gevaren, thee gedronken. In dit park zijn een paar van de meest gerenommeerde theehuizen van China en wij als gepatenteerde koffieslurpers, willen ons voor de gelegenheid bekeren tot een theeritueel.

Het overvolle terras met zijn overbeladen tafels met theekopjes en resten van allerlei zaden , die hier met de kilo verorberd worden, nodigen niet echt uit maar we bijten door. Hier worden vermoedelijk meer zonnepitten en weet ik veel welk zaad naar binnen geperst alsof ze hopen dat dit zangzaad straks voor de nodige juiste noten op hun Karaokefeest zal zorgen.

Wij vinden een tafeltje dat min of meer aan onze normen voldoet en laten ons een Jasmijntheetje bezorgen, van ritueel is er niet veel sprake want het moet vooruit gaan. Nadat de thee een paar minuten getrokken heeft en wij onze buren stiekem begluren hoe zij hun thee nuttigen, apen we onze Chinese vrienden na en slurpen het theeke naar binnen. Alleen begrijpen wij niet hoe zij dit naar binnen krijgen, ofwel heeft er iemand in mijn thermos met water gepist ofwel is onze geparfumeerde thee niet te vergelijken met deze rommel… maar dit ligt alleen aan ons hoor. Intussen komen ze ons om de haverklap vragen om onze oren te reinigen (alsof  al dat zanggeweld nog niet voldoende onze orenschelpen entert). Ze hebben daarvoor vervaarlijk materiaal mee. Maar uit onze oren blijven ze uit :-). Hun stokskes zijn wellicht toch niet groot genoeg voor mijn oren (ik zal het zelf maar zeggen zeker Vanne…).

Peoples park Theeritueel

Als we wat later, al het dansgeweld in het park laten voor wat het is en op zoek gaan naar een restoke voor de avond, vinden we dit in een hotpot-restaurant niet ver van ons hotel. De garçon die het onthaal verzorgt neemt zijn taak ter harte en hij werpt zich op als onze persoonlijke verzorger.

De menukaart is weerom zonder prentjes en alleen maar in Chinese tekens. We worden vrij goed in het communiceren met Chinezen en met de hulp van onze vertaalapplicatie kunnen wij de nodige lekkernijen op tafel laten toveren. We bestellen wat varkenswangetjes, wat rundsvlees, wat groentjes. Zij toveren op hun beurt een pot met groentjes op tafel en steken onder de tafeltje een vuurtje aan zodat het soepje begint te koken en wij dan net zoals met fondue ons vlees tussen onze stokjes laten koken.

De hotpot is in dit geval een echte hotpot.  Ik ben ondertussen één en ander gewoon wat betreft pikant eten, maar dit is niet pikant dit is kokend lood. Hilde moet na twee stukjes vlees het hotpotfestival staken en eet alleen de droge rijst. Ik volhard in de boosheid, maar na een tijdje zie ik roder dan de honderden pepertjes in ons soepje. Mijn lippen branden alsof ik met mijn smikkel op een strijkijzer ben gevallen. Ik vrees dat ik de rest van de avond dit kokend lood in mijn lichaam zal kunnen volgen tot en met het afscheid morgenvroeg op toilet;-)

Menukaart

We stoppen dit vuurgevecht en stoppen in het eerste het beste winkeltje en blussen onze bek met elk twee ijsjes. Voor alle zekerheid vervolledig ik de bluswerken en kap enkele lokale bieren naar binnen die mij voor de gelegenheid smaken alsof het Duvel was.

Als kampvuuravond in Chengdu kan dit natuurlijk tellen al had ik best met wat minder vuur gelukkig geweest. Ons contact ’s avonds met ons Merel maakt alles goed. Ook onze Jenthe en ons Jana passeren de Viber/Skype-revue. Onze jongste schelm Janko kregen we niet aan de lijn, maar die zagen we gisteren toevallig in levende lijve een handdoekje over de camera’s gooien. Het was weer feest ten huize Liekenspeeters ;-))

Morgen nemen we voor de verandering het vliegtuig naar onze volgende bestemming. Lijiang kan zich maar beter schrap zetten, want we komen er aan…

Ik zag twee beren broodjes smeren

Foto’s

Gisterenavond ben ik nog eventjes een kaart van de stad gaan kopen. Onze Trotter vermeldt dat je voor 5 Yuan zo’n kaartje kan kopen in alle kiosken. Bovendien staan de straatnamen er niet alleen met Chinese karakters op, maar ook in Pinyin (dit is Chinees, fonetisch geschreven, zonder dat je Chinese tekens moet kennen) gemakkelijk als je het moet vragen;-)) Enfin onze kaart was uitsluitend met Chinese tekens.  Hilde is er een hele tijd mee bezig geweest om de bezienswaardigheden op te zoeken aan de hand van de Chinese tekens en die dan telkens op de kaart aan te duiden. Nu een statenplan is een stratenplan, maar ik verzeker je dat dit toch een hele uitdaging was.

Chinees stratenplan

Vandaag wacht het fokcentrum van de panda’s.  We zetten onze wekker om 6 uur. In alle vroegte verlaten we onze nieuwe thuisbasis om voor de grote toeloop in het fokcentrum te zijn. Gisteravond kochten we in een plaatselijk bakkerijtje enkele croissants en een broodje, zodat we niet teveel tijd zouden verliezen met het ontbijt.

Om de hoek kapen we een taxi en voor half acht staan we al op het domein. Alleen de werknemers en verzorgers zijn op het appèl. Wij kunnen dus helemaal alleen op ons duizendste gemakjes genieten van het grote domein. We gaan onmiddellijk richting Giant Panda’s omdat die in alle vroegte voor de eerste warmte worden gevoed.

Giant panda on a lazy morning

We kunnen in alle stilte genieten van het ontbijt van deze toch wel prachtige dieren. Als er twee dieren zijn die ik er wil uitpikken zijn het de Koala en de Panda… beiden beertjes… tja ne mens voelt zich aangetrokken door zijn soortgenoten zeker. Ik weet het. Voor de Panda’s moesten we niet naar China komen, je kan deze tegenwoordig ook in Wallonië in Pairi Daisa gaan bekijken. Daar lopen er echter maar evenveel rond als dat wij koningen hebben. In de wereld zouden er maar zo’n 2000 rondlopen (ik heb het niet meer over koningen hé Winne), waarvan er uiteindelijk maar een honderd in het wild verblijven. Deze zijn natuurlijk zo goed afgeschermd dat dit – net zoals de ’Tasmaanse Duivels’ in Australië – alleen in beschermde omgevingen te bekijken zijn.

Tot voor kort was dit Panda-fokprogramma alleen om wereldwijd de dierentuinen van Panda’s te voorzien, maar het blijk zo goed te lukken dat er ook exemplaren terug in het wild kunnen worden uitgezet. Enfin ik moet niet vertellen dat we hier ten volle van genieten, dit is weer een uitstapje om in te kaderen. Tegen de tijd dat wij ook de kinderafdeling, de kleutertuin en de rode panda’s (nog veel zeldzamer) op ons eentje konden bekijken, begint de massa toe te stromen en kunnen wij terwijl iedereen naar de panda’s stormt, op onze duizendste gemakken het enige pandamuseum in de wereld aan een onderzoek onderwerpen.

Daarna slenteren we nog wat door het gigantische domein, en kopen in een kleine shop ons jaarlijkse prullaria voor de kerstboom. Iedere buitenlandse reis brengen we een kleinigheid mee voor de kerstboom, die begint ondertussen al wereldse allures te krijgen.

We ontmoeten hier, niet geheel onverwachts, onze Hongaarse vrienden van vorige nacht die hier met een gids naartoe zijn gekomen. Ze zijn hier niet over te spreken omdat de gids hen op minder dan een uur door dit gigantische domein wil loodsen. Ik zie dat zijn zakken weer uitpuilen van de chips. Ik denk dat hij tegen het einde van zijn vakantie de kaap van 200 kilogram wil nemen. Enfin de reden dat ze dit liever georganiseerd doen is een slechte ervaring die ze hadden in Beijing met een tuktuk die hen meenam en hen midden in een Hutong, ver van alles weg, wilde afzetten tegen een woekerprijs van 300 Yuan. Tja, deugnieten lopen er overal rond zeker.

Aan de uitgang staan enkele taxi’s die ons voor het dubbele van de normale prijs willen terugvoeren.  Ik bal mijn vuisten al, het verhaal van onze Hongaarse vrienden indachtig, maar ondertussen kennen we het klappen van de zweep en houden een geüniformeerde bestuurder aan die braafjes zijn metertje opzet.

Netjes op een rij...

Na de middag brengen we een bezoekje aan de hut van Du Fu, één van de bekendste dichters van China die leefde rond de jaren zevenhonderd-en een-chick dus …tijdens de Tangdynastie.

Du Fu hut - Groene oase

De Chinese dynastieën zijn net zoals de Egyptische enorm boeiend, maar dit is iets dat je beter eens kan ‘Googlen’ of in het Chinese geval ‘Baiduen’.  een overzichtje van de dynastieën hebben we alvast in de menu van onze blog gezet. Het park dat volledig aan deze dichter is gewijd, is de grootste groene oase in Chengdu. Vandaag  houden we dus een groen dagje en we genieten achteraf bij een ijsje en een drankje en begluren op onze beurt onze Chinese vrienden die net als wij de drukte van de stad ontvluchten.

Du Fu hut. Dichter ontmoet dichter.

We hebben het nog gezegd. De Chinezen zijn eigenlijk een heel levendig, vriendelijk volkje met soms een raar gevoel voor humor, maar in tegenstelling tot wat wij op voorhand dachten, zeer behulpzaam. Het rochelen moet je er maar bijnemen. Inderdaad tientallen keren per dag hoor je voor, achter, links en rechts van je, meestal mannen (alhoewel dat ik al menig vrouw moeite hoorde doen, alsof het slijm van tussen haar tenen moest komen) diepliggende geluiden hoor produceren, en spugen dat ze moeten oppassen dat ze zelf niet over hun eigen slijmerig lichaamsvocht uitschuiven.

Vanavond liep er naast ons een gast die zo diep rochelde dat hij er van moest braken. Ik had schrik dat hij de fluim er handmatig ging moeten uithalen. Ik kan ondertussen één en ander verdragen, maar van zulke lieftallige taferelen word ik echt niet vrolijk ;-)

Nog een kleine anekdote die onze gastheer gisteren vertelde:  als een jongen en een meisje kennis maken met elkaar en ze menen het (nadat blijkt dat de jongen een huis kan kopen) stort de jongen zijn volledige wedde op de rekening van het meisje. Tja da’s een kwestie van vertrouwen zegt hij.  Dat er veel vrijgezellen rond lopen behoeft geen verwondering zeker ;-))

We beslissen om ’s avonds de 5 kilometer te voet naar ons hotel te overbruggen. Metro is leuk maar boven de grond is er wel veel meer te beleven.

We stoppen nog bij een leuk restaurantje waar we een soort van Chinese hotpot met vis eten die al onze smaakpapillen aan het werk zet. We dachten eerst een stoofpotje van konijn te nemen maar gelukkig zag Hilde op het laatste moment dat dit abdomen (ingewanden) waren. Ach, we aten in Schotland ook al de ingewanden van een schaap (hagis), dus van een konijn zal ook wel niet slecht zijn zeker ;-) bweuk…. ;-))

Chinese rock and roll

Foto’s

We flirten met de 40°C in de schaduw als we gezakt en gepakt klaar staan om Xi’an met de nachttrein in te wisselen voor het koelere ( 29°C) Chengdu. We besluiten de 2 kilometer niet te voet te overbruggen, maar maken gebruik van een Punbung of zoiets… (Chinese naam voor tuktuk).

Als we zo wat lezen over beide steden krijgen we het gevoel dat we naar een iets landelijker dorpje gaan. Beijing met zijn 23 miljoen,  Xi’an met zijn 9 miljoen inwoners zijn inderdaad al de moeite. Ons zogenaamd provinciestadje Chengdu…14 miljoen inwoners, het wordt dus weer koppenlopen. In oppervlakte niet zo groot, maar er wordt gewoon in de hoogte gebouwd. Trouwens volgens onze nieuwe gastheer staan hier nog veel appartementen leeg, want € 350 euro huur kan hier geen kat betalen en toch wemelt het hier van de bouwprojecten. Als 60 procent van alle kranen ter wereld in Abu Dhabi en Dubai staan, laat ik je raden waar de rest zijn onderkomen heeft gevonden ;-)

Bon, maar wij dus naar het treinstation waar ik onze Punbung driver gelukkig maak met onze stadskaart van Xi’an die wij toch niet meer nodig hebben. De 200 meter die ons nog resten om de afstand naar het station te overbruggen en de relatief kleine file om de security check te nemen, zorgen ervoor dat ik zowat drijfnat van het zweet ben.

Weerom een kleine zoektocht naar onze trein, maar een jonge man in keurig uniform toont ons in welke zaal we moeten wachten. Hij roept iets toe naar een al even opgedirkte dame die ons begeleidt en ons vriendelijk verzoekt om plaats te nemen vlak voor de gate naar de trein die we moeten nemen. Wij hebben alvast geen klagen van de Chinese behulpzaamheid. Meestal als je de mensen op straat aanspreekt en ze spreken geen Engels, dan durven ze je afwimpelen. Maar dit heeft dan meer te maken met het feit dat ze je niet kunnen helpen omdat ze je niet verstaan.

De wachtzaal loopt stilaan vol en een klein half uur voor vertrek worden we verzocht naar de trein te gaan. Op spoor 2 staat een vrij nieuwe trein ‘naar Chinese normen’ te wachten. We zijn er niet gerust in, omdat we in wagon 9 in bed 1 en 2 liggen.  Dit zijn dus de eerste bedden naast de WC.

Trein K879 Xi'an - Chengdu

In ons coupé wachten al twee vriendelijke Hongaren die onze reisgezellen zullen zijn voor de komende 16 uur. Ik sta nog altijd nat in ’t zweet en zodra we op de trein stappen blijkt de airco niet op te staan. Die wordt na navraag bij onze wagonbediende pas opgezet als de trein vertrekt. Ik kan het niet harden en ik wacht buiten de trein. Als ze het sein geeft dat we vertrekken, kan ik dus niet anders dan op mijn plaats gaan zitten en hopen dat die verdomde airco zo snel mogelijk opgezet wordt. Als de trein vertrekt blijkt er dus iets aan die airco te mankeren. Ik laat jullie raden als het buiten 40°C in de schaduw is, wat de temperatuur in een coupé is van een trein die al een hele tijd in volle zon staat te wachten.

Ik zet een raam open in de gang, omdat we zo wat wind binnenkrijgen. Dit wordt echter onmiddellijk door een boze treinbediende toegesmeten met een hele uitleg in het Chinees. Ik trek mijn schouder op en doe dat ik hem niet versta (wat in werkelijkheid wel een beetje  zo is). Als ik de venster terug wil opendoen is er een klein Chinees meisje dat mij uitlegt waarom ik dat venster niet mag opendoen. De warme lucht verstoord de correcte werking van de airco. OK, that makes sense.

We zijn bijna twee uur verder als ze eindelijk het mankement aan de airco ontdekken. Ik ben ondertussen een 5-tal liter vocht verloren. Onze Hongaarse compagnons die een figuur hebben in dezelfde orde van grootte als ikzelf, druppelen alsof ze in een sauna hun kilo’s kwijt willen, gelukkig houden ze hun kleren aan.

Enfin dit kleine euvel…niet te na gesproken, en de trein die onderweg een paar keer de remmen dichtslaat alsof er een frontale botsing ging plaatsvinden, hebben we een voorspoedige reis. We hebben een toffe babbel met onze Hongaarse vrienden. Alleen zorgen ze voor wat geluidspolutie bij het verorberen van een 10-tal grote pakken chips. Maar dit weegt niet op tegen de miserie op de vorige trein. Ik ben vorige keer nog trouwens vergeten vertellen dat ik ’s nachts eentje zijn oortjes uit zijn oren getrokken heb, omdat hij mee Chinese rock and roll zat mee te zingen. Die gaat dat ook niet vlug meer doen ;-)

Een flink stuk na de middag worden we door een taxi (€ 3,-) afgezet aan het Chengdu Panda appartement. Het blijkt een fonkelnieuw appartement te zijn. Ik denk zelfs dat wij de eerste klanten zijn. Onze kamer ligt op de achtste verdieping van een grote building op een gang waar het gemeentebestuur nog enkele appartementen heeft. Enfin onze kamer mag er zijn en we beschikken zelfs over een wasmachine.

Zicht vanuit Chengdu Panda Appartement

Als we zijn ingeschreven neemt hij ons mee om ons een beetje wegwijs te maken in de wirwar van straten en trakteert ons bovendien op de lunch. Ons hoor je niet klagen en wij maken van de gelegenheid gebruik om van alles te vragen over China. Het één-kind-policy is nog altijd van kracht.  Als je er een tweede kindje bij wil, moet je al vlug 30.000 Yuan ophoesten. Gelukkig kwamen onze ouders met respectievelijk 10 en 7 kinderen er goedkoper van af ;-)

Menukaart zonder foto's, gelukkig gokten we goed.

Ook het Facebook verhaal wordt nog eens bovengehaald. Hij vertelt ons trouwens dat sinds gisteren ook Gmail werd geblokkeerd. Ik hoop niet dat ze meelezen, want anders worden volgende week vermoedelijk alle liekenspeeters-linken ook uit de lucht gehaald.

Morgen staat er ook weer één van de hoogtepunten van onze reis op het programma en hopen we jullie morgenavond te kunnen vertellen waarom de Walen twee panda’s konden bietsen.