Tagarchief: Aymara

Leven op gras

Ezelafdaling

Foto’s Puno dag 1

Foto’s Puno dag 2

We zijn voor zeven uur gezakt en gepakt, het ontbijt wordt pas geserveerd omstreeks 8 uur. Nog een uur zitten wachten… niks voor ons. We geven de sleutel aan de tuinman en geven hem de boodschap mee dat we het ontbijt skippen en voor de vroege boot gaan.
We beginnen de steile afdaling en als we zowat halfweg zijn, houdt er een Isladelsoljaan ons tegen en zegt dat we beter de ezel afdaling nemen in plaats van de trappen. Zou hij op mijn uiterlijk afgaan of zegt hij dat omdat de trappen te glad zijn. Ik zie in de verte het ezel pad liggen, gaan tegen zijn advies in en nemen toch maar de trappen. Het heeft vannacht hard geregend. De trappen liggen er inderdaad hier en daar wat glad bij, maar we zijn voorzichtig genoeg en komen heelhuids aan de haven aan. Inca’s hebben die dingen tenslotte zovele jaren gebruikt en wat zij konden… wij toch ook zeker.

Titicaca in Peru
Titicaca in Peru

Omgekeerd

Normaal vertrekt de boot tegen 8u30, maar hij zit afgeladen vol om kwart voor acht en de bootsman beslist om te vertrekken. Wij zijn de enige westerlingen aan boord, de rest zijn allemaal Aymara. We hebben meer beziens en eigenlijk zou het omgekeerd moeten zijn… wij zijn hier wel de toeristen 😉.

Bus naar Puno

We hebben onderweg geen stops waardoor we op een uur terug in Copacabana staan. Als we in de haven aankomen, kopen we wat water en stoppen bij het eerste het beste kantoor waar ze bustickets verkopen. Het is ondertussen negen uur, het meisje aan de balie reageert opgewonden als we naar een bus naar Puno vragen, er vertrekt nú eentje, als we lopen kunnen we hem nog halen. Ze telefoneert met het busstation en ze zegt dat ze op ons zullen wachten.

Sprint 500 m bergop

Probleem is dat die bushalte 500 meter verder ligt… bergop. We trekken gepakt en gezakt een sprintje en komen net op tijd aan, Hilde is iets sneller en kan de grote rugzak nog in de kofferruimte deponeren en ons beiden registreren voor de rit. Als we instappen sluit de busdeur. Het is er verschrikkelijk warm en ik moet mijn hartslag van 180 terug naar normaal krijgen. Ik heb de hele nacht weerom het toilet gefrequenteerd, als er iemand in zijn hoofd moest halen om op mijn schouders te kloppen om mij proficiat te wensen voor zo’n sprint, zal hij voor de rest van de dag onherkenbaar zijn want de vooruitgang van de achteruit is nog niet wat het moet zijn.

Grensovergangperikelen

Tegen de tijd dat we terug op adem zijn moeten we terug de bus uit want we staan aan de Peruviaanse grens en we moeten een aantal formaliteiten doorlopen. Eerst moeten we bij de Boliviaanse autoriteiten ons paspoort laten afstempelen dat we het land hebben verlaten, daarna moeten we te voet verder door niemandsland naar de Peruviaanse douaniers waar we een stempel in onze paspoort moeten laten zetten om Peru binnen te mogen. Het leuke aan de Zuid-Amerikaanse landen die wij aandoen is dat je hier nergens een visum nodig hebt, en dat durft in bepaalde landen nogal eens oplopen.

Kameleons

De tijd wordt een uurtje teruggedraaid dus we verschillen nu zes uur met ons Belgenlandje. Rond twaalf uur zijn we aan het busstation van Puno, nemen een taxi en verkennen de rest van de dag het leuke stadje. Je voelt onmiddellijk toch een andere sfeer dan de Boliviaanse steden. Maar ook hier bevalt het ons best. Kameleons passen zich overal aan zeker?

Kathedraal Puno
Kathedrale Basiliek San Carlo Borromeo of ook wel Catedral de Puno

Kost overnachtingen

We hebben best een goed hotel, maar ik geef toe dat naar gelang de reis vordert en we iets meer vermoeid raken we toch naar een iets hogere norm grijpen. Doe geen abuizen, we bleven nog altijd onder de veertig dollar, en meestal zelfs onder de twintig. Ok, vandaag was het $ 56,- 😉.

Bus versus vliegtuig

We gaan trouwens onmiddellijk op zoek naar een organisatie die de floating islands bezoekt, we moeten niet ver zoeken en we kunnen hier ook ineens een bus reserveren om overmorgen naar Cuzco te rijden. Ik hou het liever op een vliegtuig, maar de enige maatschappij die van hieruit vliegt is Latam, en daar wil ik voorlopig niets mee te maken hebben. Dus de bus, we negotiëren wat voor de zitplaatsen en uiteindelijk kunnen we de twee bovenste seats versieren… met panoramisch zicht vertelt ze ons als ik al betaald heb. Miljaarde, ik zal elk bochtje van uit de eerste positie kunnen zien. Het gevoel om daarboven te zitten en helemaal boven de afgrond te hangen is… bedwelmend. Ik verman mij en doe of ik het fantastisch vind. De grijns op Hilde haar mond verraadt mijn angst en ik zie dat de madame van het gezelschap zich moet inhouden om niet in lachen uit te barsten. Bij het afhandelen van het papierwerk noteert ze voor Hilde de Belgische nationaliteit en voor mij de Duitse… Ze ging af op onze taal??? Ik laat het voor alle zekerheid maar aanpassen.

Boliviano wisselen

We moeten ook nog enkel Boliviano wisselen, maar dit hadden we beter aan de Boliviaans-Peruviaanse grens gedaan. We proberen enkele wisselkantoren, maar overal hetzelfde 0,42. Uiteindelijk moeten we toch toegeven. Dus gouden raad, indien je de Boliviaanse grens oversteekt naar Peru, wissel je overige Boliviano’s in het niemandsland.

Ik heb eindelijk nog eens een rustige nacht en dat voel ik natuurlijk onmiddellijk aan mijn gestel. Ik heb overigens contact gehad met mijn dokter in België omdat er na tien dagen niet veel beterschap was met mijn darmen. Dankjewel Karel voor jouw advies. Ik neem intussen antibiotica en het gaat veel beter.

Floating Village
Floating Village

Wonen op gras

Om negen uur staat er een busje klaar dat ons komt ophalen om naar de floating village te varen. Natuurlijk zijn de dorpen die wij bezoeken, er zijn er in totaal zo’n honderd, vergeven van de toeristen. Het is dan ook een eigenaardig fenomeen. Het eiland is opgebouwd met verschillende lagen gras (totora). De verschillende eilanden worden natuurlijk verankerd, anders zouden ze voor dat ze het weten in Bolivia zitten. “Zonder paspoort”, voegt onze gids er lachend aan toe.

Kamisiraki

De groet als we toekomen in het Aymara is (fonetisch) Kamisiraki, waarop wij dan antwoorden Waliki. Wat zoveel betekent als wees welkom en bedankt dat we welkom zijn, of zoiets, en dat we welkom waren kan ik je garanderen. Natuurlijk maken ze leuke handwerkjes en prullaria die ze met plezier aan de man brengen. Ik heb een discussie met het opperhoofd van de stam. Ik bied iets te veel af en ge ziet hem lichtelijk agressief worden. Hilde vraagt om er mee te stoppen, want ze vreest dat hij in colère zal uitbarsten. Ik negeer het opperhoofd en onderhandel verder met zijn ‘Olga’ die uiteindelijk toegeeft zonder dat ik een krimp geef. Achteraf komt hij mij toch een hand geven en we kloppen af alsof ik net een van zijn koeien heb gekocht.

Uit volle borst

We doen nog een rondvaart op een van zijn schuiten en als we allemaal in zijn rieten Mercedes, zoals hij hem noemt, zijn gezeten, worden we uitgewuifd door de vrouwen van de stam die uit volle bost wat liedjes brullen. Als ze ook nog een Frans, een Duits en een populair Engels liedje aanheffen, kan de boot voor mijn part niet snel genoeg loskomen van de kade.

Floating Village
Floating Village – keuken

Dit is natuurlijk de toeristische versie, een paar uur verderop varen wonen er nog authentieke Aymara op hun vlottende eilandjes, en die hebben natuurlijk een heel ander bestaan. Maar we zijn blij dat we het principe gezien hebben zonder dat we de echte Aymara in hun dagelijkse bezigheid hebben verstoord.

Chinese beeldjes

De rest van de middag bezoeken we nog enkele kerken en markten. We zien trouwens overal van die gekke beelden hangen. Eerst dachten we dat ze gewoon Chinese beeldjes naar hier hadden getransporteerd, maar het blijken wel degelijk maskers te zijn uit de Peruviaanse cultuur die gebruikt worden tijdens Diablada, een of ander dans uit Puno die elk jaar op 2 februari doorgaat. Heel Puno staat dan op zijn kop.

Diablada
Masker voor de Diablada

We maken ons alweer op voor een nieuwe verplaatsing en trekken dieper Peru in, verder op zoek naar de Inca’s.

Metro in de lucht

Internationale luchthaven?

Foto’s La Paz

Rond half negen nemen we afscheid van onze gastvrouw in de leuke B&B van Sucre, ze belooft dat ze in Katelijne zal langskomen als ze naar België afzakt om te komen studeren in Antwerpen. Om acht uur dertig staat de taxi voor de deur die ons naar de ‘Aeropuerto Internacional Alcantari’ brengt. Dat internationaal ontgaat ons een beetje, ze is een voorschoot groot en als er twee vliegtuigen op het tarmac staan zit het bakje vol. De meeste taxi’s – en zo ook weer deze – rammelen bijna helemaal uiteen. Ik ben altijd blij dat we de eindmeet halen met die roestbakken.

De luchthaven is trouwens op meer dan 4000 meter gelegen en ik voel weerom een stekende koppijn. Ik neem een pilletje voor de hoogte en ik voel die miserie zo wegtrekken.

Formaliteiten

Op de luchthaven lezen we wat om de tijd te doden en voor we het weten krijgen we het sein om in te schepen. Niet voordat we eerst de veiligheid moeten passeren. Dit is eigenlijk wel een grap, hier hebben ze duidelijk nog niet met terrorisme te maken gehad. Gelukkig maar. Ik mag mijn laptops in mijn rugzak laten steken en de twee flesjes water die we bij hebben moeten we eigenlijk ook niet afgeven. De formaliteiten verlopen dus zeer snel en daardoor vertrekt de vlucht zomaar eventjes meer dan een kwartier vroeger dan voorzien.

Ik zie vanuit de lucht welk een toeren de bussen hadden moeten uithalen om hier te geraken en ik denk zo bij mezelf: ik zie hier 15 uur bus onder mij voorbij glijden in 50 minuten.

We landen in La Paz en tien minuten later zitten we in een taxi die ons op minder dan dertig minuten 500 meter lager afzet in ons nieuw hostel. La Paz is wel iets eigenaardig. Ik hoop dat de foto’s het een beetje duidelijk maken want dit is toch wel iets speciaals.

Aymara
Een Aymara op de ‘mercado de las brujas’

Witches market

We kappen onze rugzak af en verkennen onmiddellijk de stad, onderweg kunnen we het toch niet laten om in een Engelse pub iets te eten en te drinken. Daarna vervolgen we onze weg naar de Witches market, waar een overvloed aan kleuren de straat kleurt.

Muslera

We bezoeken weerom maar eens een Franciscaner klooster… hier moeten begot heel wat broeders en paters geleefd hebben. Hier wonen er trouwens nog echte. We krijgen een rondleiding in het Engels en dat maakt het voor mij iets gemakkelijker om te volgen. Ik begin zo hier en daar wat gesprekken te volgen in het Spaans, maar in het Engels is het toch iets comfortabeler, en bovendien moet Hilde niet altijd voor vertaler spelen. We kruipen ook deze keer weer bovenop het dak waar de muslera zij aan zij liggen, dit is een dakpan die op de alom gekende Spaanse dakpannen gelijken, maar deze zijn gevormd op het dijbeen van de maker. Vandaar natuurlijk muslera… gemaakt op de spieren.

Ook krijgen we heel wat schilderijen te zien vooral van de madonna met (halve maan omhoog) of zonder kind (halve maan omlaag), toch de meesten zijn anoniem, omdat ze zijn gemaakt door de inheemse bevolking die noch kon schrijven, noch kon lezen. Eentje tekent onderaan met zijn zelfportret. De inheemse bevolking hier is niet Quechua, maar Aymara.

Luchtmetro

De stad is gebouwd op zo’n hoogteverschillen en toch is alles eenvoudig bereikbaar. Niet met een gewone metro, of met een taxi, die hier ook wel rondrijden, alsook, kleine bussen en trufi’s, maar de stad is helemaal bereikbaar met een luchtmetro… kabelbanen. Er zijn een stuk of vijf à zes lijnen in verschillende kleuren, een beetje naar analogie van de metro’s en je kan van de ene op de andere overstappen. Het is niet mijn lievelingstransport maar we laten ons toch verleiden om de hele stad te doorkruisen, bovendien nog eens van lijn te wisselen en zowaar ons naar het hoogste punt te laten trekken. Je hebt een prachtig zich over de stad in deze karretjes, maar telkens je een piloon passeert is het toch even slikken. Aan het eindpunt hoog boven de stad bevindt zich een mirador vanwaar je een goed overzicht hebt.

La Paz
La Paz

In het terugkomen stoppen we aan de tweede halte en lopen vandaar via een straat met restaurants en gezellige bars terug naar ons hotel.

Toerista

Ondertussen heb ik mij al een paar keer moeten reppen om een toilet te vinden… de toerista heeft toegeslagen. Ik heb al twee keer het recept van het tropisch instituut uitgeprobeerd zonder veel resultaat. Ik stop in ons hostel om uit te rusten terwijl Hilde nog een broodje gaat halen in de pub.

Hopelijk is het morgen een stuk beter want dan klimmen we weer in een vliegtuig, deze keer echter een heel kleintje om ons naar onze volgende bestemming te brengen diep in het Amazonewoud.