Leven op gras

Ezelafdaling

Foto’s Puno dag 1

Foto’s Puno dag 2

We zijn voor zeven uur gezakt en gepakt, het ontbijt wordt pas geserveerd omstreeks 8 uur. Nog een uur zitten wachten… niks voor ons. We geven de sleutel aan de tuinman en geven hem de boodschap mee dat we het ontbijt skippen en voor de vroege boot gaan.
We beginnen de steile afdaling en als we zowat halfweg zijn, houdt er een Isladelsoljaan ons tegen en zegt dat we beter de ezel afdaling nemen in plaats van de trappen. Zou hij op mijn uiterlijk afgaan of zegt hij dat omdat de trappen te glad zijn. Ik zie in de verte het ezel pad liggen, gaan tegen zijn advies in en nemen toch maar de trappen. Het heeft vannacht hard geregend. De trappen liggen er inderdaad hier en daar wat glad bij, maar we zijn voorzichtig genoeg en komen heelhuids aan de haven aan. Inca’s hebben die dingen tenslotte zovele jaren gebruikt en wat zij konden… wij toch ook zeker.

Titicaca in Peru
Titicaca in Peru

Omgekeerd

Normaal vertrekt de boot tegen 8u30, maar hij zit afgeladen vol om kwart voor acht en de bootsman beslist om te vertrekken. Wij zijn de enige westerlingen aan boord, de rest zijn allemaal Aymara. We hebben meer beziens en eigenlijk zou het omgekeerd moeten zijn… wij zijn hier wel de toeristen 😉.

Bus naar Puno

We hebben onderweg geen stops waardoor we op een uur terug in Copacabana staan. Als we in de haven aankomen, kopen we wat water en stoppen bij het eerste het beste kantoor waar ze bustickets verkopen. Het is ondertussen negen uur, het meisje aan de balie reageert opgewonden als we naar een bus naar Puno vragen, er vertrekt nú eentje, als we lopen kunnen we hem nog halen. Ze telefoneert met het busstation en ze zegt dat ze op ons zullen wachten.

Sprint 500 m bergop

Probleem is dat die bushalte 500 meter verder ligt… bergop. We trekken gepakt en gezakt een sprintje en komen net op tijd aan, Hilde is iets sneller en kan de grote rugzak nog in de kofferruimte deponeren en ons beiden registreren voor de rit. Als we instappen sluit de busdeur. Het is er verschrikkelijk warm en ik moet mijn hartslag van 180 terug naar normaal krijgen. Ik heb de hele nacht weerom het toilet gefrequenteerd, als er iemand in zijn hoofd moest halen om op mijn schouders te kloppen om mij proficiat te wensen voor zo’n sprint, zal hij voor de rest van de dag onherkenbaar zijn want de vooruitgang van de achteruit is nog niet wat het moet zijn.

Grensovergangperikelen

Tegen de tijd dat we terug op adem zijn moeten we terug de bus uit want we staan aan de Peruviaanse grens en we moeten een aantal formaliteiten doorlopen. Eerst moeten we bij de Boliviaanse autoriteiten ons paspoort laten afstempelen dat we het land hebben verlaten, daarna moeten we te voet verder door niemandsland naar de Peruviaanse douaniers waar we een stempel in onze paspoort moeten laten zetten om Peru binnen te mogen. Het leuke aan de Zuid-Amerikaanse landen die wij aandoen is dat je hier nergens een visum nodig hebt, en dat durft in bepaalde landen nogal eens oplopen.

Kameleons

De tijd wordt een uurtje teruggedraaid dus we verschillen nu zes uur met ons Belgenlandje. Rond twaalf uur zijn we aan het busstation van Puno, nemen een taxi en verkennen de rest van de dag het leuke stadje. Je voelt onmiddellijk toch een andere sfeer dan de Boliviaanse steden. Maar ook hier bevalt het ons best. Kameleons passen zich overal aan zeker?

Kathedraal Puno
Kathedrale Basiliek San Carlo Borromeo of ook wel Catedral de Puno

Kost overnachtingen

We hebben best een goed hotel, maar ik geef toe dat naar gelang de reis vordert en we iets meer vermoeid raken we toch naar een iets hogere norm grijpen. Doe geen abuizen, we bleven nog altijd onder de veertig dollar, en meestal zelfs onder de twintig. Ok, vandaag was het $ 56,- 😉.

Bus versus vliegtuig

We gaan trouwens onmiddellijk op zoek naar een organisatie die de floating islands bezoekt, we moeten niet ver zoeken en we kunnen hier ook ineens een bus reserveren om overmorgen naar Cuzco te rijden. Ik hou het liever op een vliegtuig, maar de enige maatschappij die van hieruit vliegt is Latam, en daar wil ik voorlopig niets mee te maken hebben. Dus de bus, we negotiëren wat voor de zitplaatsen en uiteindelijk kunnen we de twee bovenste seats versieren… met panoramisch zicht vertelt ze ons als ik al betaald heb. Miljaarde, ik zal elk bochtje van uit de eerste positie kunnen zien. Het gevoel om daarboven te zitten en helemaal boven de afgrond te hangen is… bedwelmend. Ik verman mij en doe of ik het fantastisch vind. De grijns op Hilde haar mond verraadt mijn angst en ik zie dat de madame van het gezelschap zich moet inhouden om niet in lachen uit te barsten. Bij het afhandelen van het papierwerk noteert ze voor Hilde de Belgische nationaliteit en voor mij de Duitse… Ze ging af op onze taal??? Ik laat het voor alle zekerheid maar aanpassen.

Boliviano wisselen

We moeten ook nog enkel Boliviano wisselen, maar dit hadden we beter aan de Boliviaans-Peruviaanse grens gedaan. We proberen enkele wisselkantoren, maar overal hetzelfde 0,42. Uiteindelijk moeten we toch toegeven. Dus gouden raad, indien je de Boliviaanse grens oversteekt naar Peru, wissel je overige Boliviano’s in het niemandsland.

Ik heb eindelijk nog eens een rustige nacht en dat voel ik natuurlijk onmiddellijk aan mijn gestel. Ik heb overigens contact gehad met mijn dokter in België omdat er na tien dagen niet veel beterschap was met mijn darmen. Dankjewel Karel voor jouw advies. Ik neem intussen antibiotica en het gaat veel beter.

Floating Village
Floating Village

Wonen op gras

Om negen uur staat er een busje klaar dat ons komt ophalen om naar de floating village te varen. Natuurlijk zijn de dorpen die wij bezoeken, er zijn er in totaal zo’n honderd, vergeven van de toeristen. Het is dan ook een eigenaardig fenomeen. Het eiland is opgebouwd met verschillende lagen gras (totora). De verschillende eilanden worden natuurlijk verankerd, anders zouden ze voor dat ze het weten in Bolivia zitten. “Zonder paspoort”, voegt onze gids er lachend aan toe.

Kamisiraki

De groet als we toekomen in het Aymara is (fonetisch) Kamisiraki, waarop wij dan antwoorden Waliki. Wat zoveel betekent als wees welkom en bedankt dat we welkom zijn, of zoiets, en dat we welkom waren kan ik je garanderen. Natuurlijk maken ze leuke handwerkjes en prullaria die ze met plezier aan de man brengen. Ik heb een discussie met het opperhoofd van de stam. Ik bied iets te veel af en ge ziet hem lichtelijk agressief worden. Hilde vraagt om er mee te stoppen, want ze vreest dat hij in colère zal uitbarsten. Ik negeer het opperhoofd en onderhandel verder met zijn ‘Olga’ die uiteindelijk toegeeft zonder dat ik een krimp geef. Achteraf komt hij mij toch een hand geven en we kloppen af alsof ik net een van zijn koeien heb gekocht.

Uit volle borst

We doen nog een rondvaart op een van zijn schuiten en als we allemaal in zijn rieten Mercedes, zoals hij hem noemt, zijn gezeten, worden we uitgewuifd door de vrouwen van de stam die uit volle bost wat liedjes brullen. Als ze ook nog een Frans, een Duits en een populair Engels liedje aanheffen, kan de boot voor mijn part niet snel genoeg loskomen van de kade.

Floating Village
Floating Village – keuken

Dit is natuurlijk de toeristische versie, een paar uur verderop varen wonen er nog authentieke Aymara op hun vlottende eilandjes, en die hebben natuurlijk een heel ander bestaan. Maar we zijn blij dat we het principe gezien hebben zonder dat we de echte Aymara in hun dagelijkse bezigheid hebben verstoord.

Chinese beeldjes

De rest van de middag bezoeken we nog enkele kerken en markten. We zien trouwens overal van die gekke beelden hangen. Eerst dachten we dat ze gewoon Chinese beeldjes naar hier hadden getransporteerd, maar het blijken wel degelijk maskers te zijn uit de Peruviaanse cultuur die gebruikt worden tijdens Diablada, een of ander dans uit Puno die elk jaar op 2 februari doorgaat. Heel Puno staat dan op zijn kop.

Diablada
Masker voor de Diablada

We maken ons alweer op voor een nieuwe verplaatsing en trekken dieper Peru in, verder op zoek naar de Inca’s.

Deel onze weg

Hilderikske op Titicaca

Chinees kabaal

Foto’s Isla del Sol dag 1

Foto’s Isla del Sol dag 2

We zitten in La Paz in een hotel met prachtig zicht op de stad. Bij het inchecken vragen we voor een rustige kamer want we zijn door ons verblijf in de jungle danig afgemat. De kamer is prima, maar naast de liftblok… als bovendien blijkt dat de keuken boven onze kamer ligt, moet ik niet meer vertellen. Tot middernacht wordt er afgewassen en ’s morgens tegen de zessen zijn ze terug alles aan het klaarzetten. Enfin, daar kan ik nog mee leven, maar een Chinees die om vier uur met veel kabaal en giechelend en proestend met zijn madame de hele gang wakker maakt, is er los over.

Schoonste tenueke

Als ik in mijn schoonste tenueke in de gang mijn stem verhef, brengt hij eerst nog uit…”what is your problem man”. Als hij mijn bovenaards lijf ziet valt zijn klep dicht en ik hoor hem niet meer. Ook zijn madam is opgehouden met giechelen, die brengen de rest van de ochtend wenend door in elkaars armen 😉.

Alle gekheid op een stokje, ik ben wel wakker, en wakker is wakker. We beginnen dus maar te pakken en krijgen nog een extra vroeg ontbijt, want om zeven uur staat de bus voor de deur die ons naar Copacabana brengt, vanwaar we verder per boot naar Isla del Sol zullen varen.

Voorgeborchte van het Titicacameer

We moeten eerst in het busstation nog van bus wisselen en zijn weer weg voor drie uur haarspeldbochten. Het is tijdens deze busrit dat we telefoon krijgen van Jana dat Erin die dag geboren is. Een emotioneel moment.

We moeten ook op zeker moment allemaal uit de bus die op een ponton rijdt en zo naar de overkant van het voorgeborchte van het Titicacameer vaart. Wij worden in een kleine schuit gepropt, waar we aan de overkant terug herenigd worden met onze bus. Een persoon komt niet opdagen, “ach”, zegt de chauffeur van de bus, “hij moet dan maar een taxi nemen” en rijdt lustig verder.

Bus overzetten op Titicaca
Bus overzetten op Titicaca

Slapjanus

In Copacabana stapt er een slapjanus op de bus die zijn hotel probeert te slijten en nogal twijfelend reageert als wij zeggen dat wij naar Isla del Sol moeten. Enfin, uiteindelijk geeft hij het toch op als hij ziet dat we vastberaden zijn om de oversteek te wagen. Een beetje verder kunnen we een ticket slijten voor nog geen € 3,- per persoon. Ook hier wordt de boot lichtelijk overladen met trekkers die de nacht willen doorbrengen op het eiland. Er is blijkbaar ook een groep bij die dezelfde dag nog terugkeert naar La Paz. 7 uur bus heen en weer, en drie uur op het water voor anderhalf uurtje Isla vinden zelfs wij er wel wat over.

Dertig minuten klimmen

Als we op het eiland worden afgezet, staan we er alleen voor. We weten dat we een klimmetje van een half uur voor de boeg hebben om aan ons hostel te geraken. Er werd gesuggereerd dat we een pakezel konden huren om ons materiaal naar boven te krijgen, maar uiteindelijk blijkt dit niet zo te zijn en moeten we alles zelf naar boven dragen. Nu begrijpen we natuurlijk waarom de madam van het hostel voorstelde om met kleine rugzakjes te komen (’t Is de eerste keer dat we content zijn dat ik geen rugzak meer heb😉). Dertig minuten klimmen via de Incatrappen (voor geoefende klimmers zonder rugzak) dus doe er voor ons nog maar een kwartier bij.

Incatrappen
Incatrappen

We genieten van de zonsondergang boven Peru en trekken ons vroeg terug in ons kabanneke waar we wat nagenieten van foto’s van onze nieuwste spruit.

Bataljon aan dekens

Het is hier ’s nachts behoorlijk koud maar het hele bataljon aan dekens maakt dat we een goede nachtrust hebben.

Alligators en vlaggen

We moeten nog enkele zaken opklaren. Eigenlijk was dit een onderwerp voor gisteren, op koningsdag 😉. De kleuren van de vlag zouden volgens Jenke G. en Eddy VdB. afkomstig zijn van de kleuren van het wapenschild van het voormalige hertogdom Brabant. Het stelde een leeuw van goud voor (geel) op een achtergrond van sabel (zwart), geklauwd en getongd van keel (rood). Conform heraldische traditie werd de donkerste kleur het dichtst bij de vlaggenstok geplaatst.

Ook tijdens onze tocht in de jungle blijkt volgens Patricia C. dat er in Zuid-Amerika geen alligators zitten. Wel kaaimannen en dat blijkt toch een alligatorsoort. Er zat zeker meer dan één soort, want er was een groot verschil tussen de kaaimannen. We zagen zeker drie verschillende soorten. In elk geval verkocht de gids ze voor alligators en kaaimannen en als ze aan je tenen hangen, maakt het niet veel uit welke soort het is.

Met dank aan onze lezers voor het bijsturen.

Ezel en de lama

Vandaag staat er na het ontbijt een tocht naar de vuurtoren op het programma, nog zo’n kleine 300 meter klimmen en op een hoogte van 4000 meter kan dit tellen. Het zicht bovenaan is weerom overweldigend en wat meer is… de rust.  Op dit eiland rijden geen auto’s noch motorfietsen, zelfs een fiets is hier niet aangewezen. Het enige vervoermiddel is hier de ezel en de lama.

Enige vervoermiddel
Enige vervoermiddel

Kleine oorlog

Uw verjaardag op zo’n locatie doorbrengen is al een cadeauke op zich… zou ik dan nog iets moeten kopen voor Hilde? 😉 De namiddag maken we een wandeling langs de andere kant van het eiland, weer met adembenemende vergezichten. De noorderzijde van het eiland laten we wijselijk zo, want hier is al een paar weken een kleine oorlog aan de gang, tussen de mensen van het noorden en het midden. De noordelingen zouden zich bezondigd hebben aan het bouwen van toeristische complexen op heilige plaatsen. Dat is in het verkeerde keelgat geschoten van de inheemse bevolking. Het is zelfs zo hard geëscaleerd dat er zelfs geen boten van Copacabana naar het noordelijke deel van het eiland worden ingezet. Gelukkig is de situatie in het zuiden van het eiland rustig. Als je de Syrische grens al van dichtbij zag, kan dit er ook wel bij zeker.

Zicht op Isla del Sol
Zicht op Isla del Sol

Vaarwel Bolivia

We maken ons stilaan op om dit geweldig land met zijn meer dan vriendelijke bevolking te verlaten. Morgen varen we eerst terug naar Copacabana waar we een bus nemen naar Puno in Peru. Dan is het vaarwel aan het prachtige Bolivia met zijn aimabele bevolking.

Deel onze weg

La Paz met hindernissen

Maar eerst even vooruit in tijd…

Welkom lieve kleine Erin, onze derde kleindochter en eveneens derde kind van Jana en Nils en zus van Merel en Roxane. Je komt in een warm nest terecht waar je met veel liefde zal opgevangen worden. Bonneke en Bompa hopen wat van hun reismicrobe over te dragen, zodat je verdraagzaam de wereld tegemoet kan. Lea en Frank jullie gaan eventjes dubbel zoveel grootouderliefde moeten geven, want wij kunnen haar maar pas binnen veertien dagen verwennen. Merel en Roxane vertroetel jullie zusje want jullie zijn nu haar grote voorbeeld. Jana en Nils 4090 gr… en 53 cm… dat kan tellen. Den bompa woog er bij zijn geboorte 5500, maar volgens mij ben ik gewogen met een patattenweegschaal. In elk geval, 15 november zal niet meer hetzelfde zijn.

Zover de op stapel staande gebeurtenis van enkele dagen geleden :-).

Foto’s La Paz tweede landing

Terug naar het oerwoud: de tijd tikt genadeloos verder

We staan dus te koekeloeren enkele kilometers buiten Santa Rosa, de tijd tikt verder en onze vlucht terug naar La Paz vanuit Rurrenabaque komt in het gedrang.

Terwijl we hier stilstaan maak ik gretig gebruik van de bosjes, niet zonder mij eerst te verzekeren dat de kust veilig is.

Dwars over de weg

Ondertussen vindt de chauffeur er niet beter op om wat te manoeuvreren met de auto zodat hij dwars over de weg staat en geen kant meer op kan. De zware vrachtwagens die hier voorbij komen geraasd dompelen ons helemaal onder het stof en zorgen ervoor dat het zicht voor de volgende vrachtwagen volledig weg is.

Uiteindelijk doet zijn telefoon het en kan hij dan toch iemand bereiken die zo snel mogelijk voor nieuw vervoer zal zorgen.

Een spannertje

Het is ondertussen 15u30 en onze vlucht is om 17u30… met drie uur voor de boeg zal dit meer dan een spannertje worden. Een paar minuten later komt er een trufi aangesneld uit Santa Rosa die ons naar de luchthaven zal brengen. Onze chauffeur verzekert ons dat we onze vlucht zullen halen. Zodra we alles overgeladen hebben en iedereen is ingestapt, geeft onze nieuwe chauffeur plankgas, en hij zal die pedaal niet meer lossen tot we op de luchthaven zijn. Hij heeft duidelijk de opdracht gekregen om ten koste van alles ons op tijd af te zetten.

Herschapen in een maanlandschap

Hij schuift van links naar rechts op de baan proberend om putten en andere hindernissen te vermijden. Een paar keer vatten zijn wielen geen grond als we tegen duizelingwekkende snelheid over een heuvel vliegen en hij hotsend en botsend terug vat probeert te krijgen op zijn vierwieler. Geen wonder dat er hier zoveel problemen zijn met de wagens, de keien vliegen de hele rit tegen de carrosserie, die volgens mij herschapen is in een maanlandschap.

Tegen een gemiddelde van bijna 120 kilometer per uur hebben we allemaal het gevoel dat we in de rally Parijs-Dakar verzeild zijn, maar niemand klaagt want we zijn bijna een half uur te vroeg op de luchthaven. De vlucht met onze bombardier verloopt vlekkeloos en na een half uurtje vliegen, landen we voor een tweede keer in La Paz.

Een taxi brengt ons naar ons nieuw onderkomen voor de volgende nacht en we zijn zo ingenomen met ons nieuw stekje dat we er onmiddellijk voor een dag extra reserveren.

Na een moeizame nacht op deze hoogte houden we vandaag een rustdag en slenteren we wat door de indrukwekkendste stad ter wereld, alvast wat zijn ligging betreft.

Foetus van lama

Een vriend van ons, Herwin, die hier een paar jaar geleden halsbrekende toeren uithaalde op de death road, vertelt ons dat als we een foetus van een lama kopen we van geluk verzekerd zijn. We laten zowel de kelk van de death road als van de foetus van de lama aan ons voorbij gaan en genieten gewoon van een dagje uitblazen om onze vermoeide lichamen wat rust te gunnen.

Foetus van Lama
Foetus van lama

 

 

 

 

 

 

 

’s Avonds nemen we afscheid van La paz met zicht vanop onze hotelkamer en pakken alweer voor onze volgende bestemming. Copacabana… deze keer echter niet in Brazilië maar aan het hoogst gelegen meer ter wereld: Titicaca.

La Paz by night
La Paz by night

 

En dan last but not least, ook weer even vooruit in tijd…

Tegen de tijd dat jullie dit hier lezen is Hilde 54 lentes jong. Nog veel te kwik voor haar leeftijd. Bibi moet vaak alles uit de kast halen om haar te volgen… in alles ;-).

Eigenlijk is het een dubbel feestje, wij zijn vandaag eveneens 33 jaar getrouwd. We kunnen op deze hoogte spijtig genoeg niet genieten van een glaasje wijn of iets anders, want dat loopt zonder meer verkeerd af. We hebben in ieder geval een zeer mooi cadeau gekregen: Erin.

Deel onze weg

Zwemmen met Pedro

Op zoek naar de anaconda

Foto’s Amazonde dag 2

Foto’s Amazone dag 3

Vandaag starten we een zoektocht in de moeraslanden van de pampas naar slangen. Meer bepaald de anaconda. Voor we vertrekken moeten we allemaal laarzen aan, of dit is om het slijk meester te kunnen of als bescherming voor de slang was niet echt duidelijk. In elk geval, er zouden ook cobra’s zitten. We varen eerst een stuk de Yacuma af en duiken een beetje verder de pampas in. We hebben 2 gidsen mee en we zijn met een groep van twaalf om die lieftallige beestjes te vinden.

Op zoek naar de anaconda
Op zoek naar de anaconda

We kammen de gebieden rond moerassen af, alsook dicht bij een meertje waar ze zich meestal schuil houden. Zij aan zij iedere homp gras opheffen en onder takkenbossen kijken of we iets zien bewegen. De groep voor ons heeft een twee meter lange anaconda gezien na twintig minuten zoeken. De hele voormiddag zoeken we in de broeierige hitte naar dit toch wel speciaal wezentje, toch ze geeft niet thuis.

Rufescent tiger heron (of de rosse tijgerroerdomp)
Rufescent tiger heron (of de rosse tijgerroerdomp)

Platte rust

We hebben dan wel niets gevonden, de spanning alleen al om naar een anaconda te zoeken geeft wel iets extra. Na het middageten krijgen we platte rust en geloof mij, na 3 uur verzengende hitte getrotseerd te hebben is dit meer dan welkom.

Roze rivierdolfijnen

Na deze welgekomen siësta kruipen we terug in de boten, gaan nog even goeiedag zeggen tegen de dolfijnen. Het blijken roze rivierdolfijnen te zijn maar hun bouw doet me toch denken aan de Irrawaddy dolfijnen op de grens van Laos en Cambodja.

Piranha aan de haak

Het uiteindelijke doel van vanmiddag is de piranha. We krijgen elk een hengel, nu ja hengel, een stuk hout waar een visdraad aanzit met een haak aan. Daar hangen we dan een stukje vlees aan en smijten het boeltje in het water. Onmiddellijk wordt er aan de haak getrokken, maar de beestjes zijn zo slim dat ze vaak het vlees van de haak halen zonder dat ze in de haak bijten. Af en toe hebben we toch beet en we halen enkele rode en een gele piranha’s boven. De rode en de blauwe zijn het meest agressief (de blauwe vind je alleen terug in de meren), de gele is iets minder agressief.

Piranha aan de haak
Piranha aan de haak

Veel vlees is er aan deze vleesetende vissen niet aan, maar vanavond zullen we ze toch bakken. Lekker… toch er is te weinig vlees aan om er iets van te proeven.

Of het van de vis is of van de hitte, ik heb het weer vlaggen. De hele nacht frequenteer ik het toilet. Ik ben zo uitgeput en leeg dat ik de activiteiten van de laatste dag aan mij moet laten voorbijgaan.

De story van Hilde

De hele bende vertrekt om vijf uur voor een zonsopgang, voor de zessen zijn ze al terug. De activiteit na het ontbijt is eentje die kan tellen. Dit laat ik Hilde vertellen want ook dat heb ik aan mij laten voorbij gaan.

Zonsopgang boven Yacuma
Zonsopgang boven Yacuma

Na het ontbijt trekken we ons badpak aan en varen met de boot richting de plaats waar de dolfijnen zich bevinden. Deze dieren zouden de kaaimannen en piranha’s van zich afduwen, waardoor ze met rust gelaten worden. We trekken onze kleren uit en springen vanuit de boot in het water.

Zwemmen tussen kaaimannen en alligators en piranha's
Zwemmen tussen kaaimannen, dolfijnen en piranha’s

Twee Pedro’s

Zo’n 5 meter verder ligt een alligator het schouwspel te bekijken. Als we onze gids Yoyo hierop attent maken, zegt hij: “Oh, dat is een vriendelijke alligator, die hebben we gewond gevonden als hij nog klein was en verzorgd. Hij kent ons.” Hij roept meermaals “Pedro, Pedrito, …” De alligator komt onze richting uitgezwommen. Ik vertrouw het zaakje niet en kruip alvast in de boot. De gids uit de tweede boot die met ons meegekomen is, roept: “Hé Yoyo, Pedro is hier bij ons aan de boot.” Tja, wie is die andere Pedro dan? Eén van de twee Pedro’s ziet zijn kans schoon en duikt kopje onder. We hijsen snel iedereen uit het water. Zelfs Yoyo is er niet gerust in. Toch springt hij nadien nog even in het water, samen met nog andere helden.

Als ik hem vraag waar de dolfijnen blijven, zegt hij doodleuk: “Oh, die zijn wellicht op zoek naar eten.” Tja, wie houdt die kaaimannen en piranha’s dan van ons weg?

Een leuke ervaring, toch is het volgens mij waaghalzerij die wel eens verkeerd zou kunnen aflopen. Deze keer gelukkig niet.

De terugweg

Als we terug in het kamp komen, nemen we allemaal nog een koude douche om het rivierwater van ons af te spoelen, lunchen we vroeg en leggen onze rugzakken terug in de langboot om terug te keren naar Rurrenabaque. Tot zover Hilde haar relaas.

Ik hoop dat mijn darmen zich wat geduldig opstellen, want 2 uur boot, 3 uur auto… Zwemmen met kaaimannen is één, maar met je billen bloot tussen die lieverds is twee… of misschien wel…GEEN 😉

Yacuma
Yacuma bij valavond

In Santa Rosa laat het busje op zich wachten, onze vlucht is om 17u30 en we moeten nog drie uur over de stoffige weg terug naar Rurrenabaque. Omstreeks twee uur komt hij aangetuft en wij nemen afscheid van onze geweldige gids, die alweer klaar staat om met een nieuwe groep durvers diep het oerwoud in te duiken.

Kaput

We zijn nog niet goed weg als onze chauffeur plotseling stopt. Hij stapt uit en kruipt onder de wagen, overal tegenaan kloppend. Als we hem vragen wat er aan de hand is antwoord hij “Kaput”. Hier staan we nu, er zal niets anders opzitten dan ons vliegtuigticket om te boeken naar morgen…. Als dit al mogelijk is natuurlijk, want die vluchten hebben een hoge bezettingsgraad. Zijn telefoon is buiten bereik van een zendmast en hij kan niemand bereiken. Een jeep die ons voorbij raast met hoge snelheid wil niet stoppen, onze chauffeur is razend en ontlokt hem zinnetjes die niet voor publicatie vatbaar zijn. Hoe dit afloopt…

Deel onze weg

Diep in de Amazone

Amazone dag 1

Foto’s Amazone dag 1

Amazone, de groene long van Zuid-Amerika. We worden opgehaald om negen uur dertig samen met een Nederlandse, Nynke en twee Zweden, Ella en Johan. Ons laatste slachtoffer moet nog landen in Rurrenabaque. Zodra de jet is geland komt ons laatste gezelschap ons vergezellen: een Filipijnse, geboren in Hongkong, Theresa die door Erik meteen als Jenny wordt gedoopt en er gelukkig mee kan lachen. Zodra het gezelschap compleet is, zetten we koers naar Santa Rosa zo’n 100 kilometer dieper de Amazone in. De hele weg is een stoffige offroad, het stof en het zweet zorgt voor een plakkerige bedoening. Als we een bus of een vrachtwagen voorbij rijden wordt het zicht herleid tot nul. Enkele motards op onze weg zijn helemaal onder het stof bedolven.

Toekan in Yamuna Nationaal Park
Toekan in Yacuma Nationaal Park

 

Uit te kluiten gewassen houten kano

Een toekan kruist onze weg en we kunnen hem nadien nog even spotten, echt scherp krijg ik hem door de afstand niet in de lens maar dit is toch wat mij betreft bingo. Zodra we inschepen in onze ‘barco’, een uit te kluiten gewassen houten kano met een buitenmotor, maken we kennis met onze gids/kapitein voor de komende drie dagen: Yoyo. Een leuke Boliviaan die er meteen de sfeer in zet.

Paradijsvogel
Paradijsvogels volgens onze gids, Hoatzin volgens internet, bijnaam: stinkvogel

Yacuma, in het midden van de Amazone

De boottocht op de Yacuma, in het midden van de Amazone, is er eentje om in te kaderen. Het is alsof we op onze zondagse luie krent zitten te genieten van een documentaire over het Amazonewoud. Ooit waren we een halve dag zoet in Australië om krokodillen te spotten, zonder resultaat. Hier zitten echter hele kolonies alligators en zwarte kaaimannen. Ze liggen vaak zij aan zij met capibara, die echter wel als de kaaiman hongerig is, beter andere oorden opzoeken. We zien ook nog tientallen verschillende soorten vogels: kraanvogels, maraboes, paradijsvogels, tijgervogel, visarenden, diverse reigersoorten… Echt te gek voor woorden. Iedere rechtgeaarde ornitoloog laat hier met plezier zijn broek zakken. Onbeschrijfelijk welke differentiatie hier te zien is.

Alligator
Kaaiman

Ons kamp

Als we in ons kamp toekomen, en kamp is hier de beste omschrijving, worden we verdeeld over de verschillende hutten. Wij krijgen een privéhut, maar daarmee is ook alles gezegd. Dit is een houten kot op palen midden in de jungle. Er gaapt in de gaas een gat ter grootte van mijn hoed die ik daar maar voor alle zekerheid inplug. Later blijkt dat de muggengaas niet alleen voor de muggen is maar ook voor de apen. We hebben een privétoilet (en dit zal later nog meer dan van pas komen) met een douche (natuurlijk alleen koud water). Elektriciteit is er alleen van 19u30 tot 22 uur. Dit wordt geleverd door een lawaaierige transformator. De enige reden waarom we onze gsm moeten bijladen is de functie zaklamp, want wifi is hier uiteraard niet.

We zien in ons kamp ook nog een toekan die ik zeer kort in beeld kan brengen. We zijn zo in vervoering dat ik vergeet af te drukken.

Wat moet een Belg meer hebben?

We worden nog uitgenodigd om terug in de boot te stappen en een paar kilometer verder van een zonsondergang te genieten. Er is een stalletje met koude pintjes en wat moet een Belg meer hebben. Ondertussen maken we ook kennis met de mensen van de tweede boot waar we de komende drie dagen mee zullen optrekken. Er zitten nog drie leuke Belgen bij, een Nederlands koppel en een Duitse madam.

Capaibara's
Capibara’s

Het is een toffe bedoening en we varen pas terug als het pikdonker is. De jungle in het pikkedonker is toch wel een ervaring. Af en toe hoor je en zie je als je bijlicht met een lamp dat de kaaimannen het water induiken en soms onze richting uitzwemmen. De capibara’s (een rat ter grootte van een varken) die vaak half in het water hangen, genieten van de golfslag die de boten teweegbrengen.

Klamboe

We praten nog wat na maar kiezen na deze toch wel vermoeiende tocht voor onze bedstee. Er is ook nog een klamboe, maar een goeie tip, als je ooit een moet aanschaffen, zorg dan voor twee afzonderlijke, want de lucht die je uitademt kan niet echt door die gaatjes, met als gevolg zuurstofgebrek.

DEET op je bek

Na een tijdje hou ik het dan ook voor bekeken en steek mijn hoofd uit de klamboe. Natuurlijk smeer je dan best wat DEET op je bek als je niet wil opgevreten worden door de muggen. Trouwens we zijn voor alle zekerheid toch maar gestart met onze malariapillen.

Deel onze weg

Terug naar 250 meter

Learjet

Foto’s Rurrenabaque

We vallen diep vandaag. We vertrekken met een soort van Learjet met amper 30 zitplaatsen, maar dan eentje van Bombardier naar Rurrenabaque midden in het Amazonewoud… nu ja midden, aan de oevers van de Beni een rivier die zich door de jungle van de Beni provincie kronkelt. Normaal gezien dachten we de verplaatsing naar Rurrenabaque per boot te doen vanuit Coroico, toch een op stapel staande gebeurtenis waarvan jullie de komende dagen zullen lezen, heeft de doorslag gegeven om dit niet te doen ;-).

500 meter stijgen

 Vroegmarkt in La Paz
Vroegmarkt in La Paz

Onze taxi laat op zich wachten omdat de marktkramers, de inheemse Aymara, alle stoepen en delen van de straat opeisen om hun waar aan te bieden. Deze keer nemen we echter de ‘snelweg’, in plaats van de short cut door de stad. We moeten terug 500 meter stijgen om naar de hoogst gelegen luchthaven ter wereld te rijden. De wegmarkeringen ontbreken en zelfs als er werken zijn op het ene rijvak, worden de tegenliggers lekker samen op hetzelfde rijvak geleid… ook zonder markeringen.

Geen etiquette

Ik drink vandaag nogmaals mijn suiker-zout oplossing en mijn darmen raken stilaan in de plooi. Ik vergat gisteren nog te vertellen dat Bolivianen, overigens een zeer sympathiek volk, denken dat ze overal eerst binnen mogen ten koste van de gringo’s. Gisteren in het eindstation van de kabelbaan, waar ik dringend naar toilet moest, dacht er ook eentje mij voor te steken, ik geval van hoogste nood ken ik natuurlijk geen etiquette, en die gast zal in het vervolg ook wel eens twee keer nadenken vooraleer hij een gringo zal voorsteken. Ik weet niet of hij nog aan die muur plakt of dat iemand hem er vandaag in de loop van de dag heeft afgeschraapt? In de reeks van de ronde van Vlaanderen zouden ze gezegd hebben… “ajemoekakken moejekakken” 😉.

Schoenpoetsers

’s Morgens vroeg zie je trouwens verschillende schoenpoetsers… met een bivakmuts. Dit zijn trotse Bolivianen die geen gezichtsverlies willen leiden ten aanzien van familie en vrienden, door deze minderwaardige job uit te oefenen en daarvoor zichzelf onherkenbaar maken.

Vorige eeuw

Op de luchthaven ben ik enthousiast voor de vlucht met de learjet. Een vertraging van dertig minuten kan de pret niet bederven. De twee straalmotoren achteraan het vliegtuig brullen bij het opstijgen en op deze hoogte duurt het iets langer vooraleer het vliegtuig kan genieten van de lift die het toestel de hoogte in tilt.

Als we landen in het Amazonegebied komen we in een scene van een of andere oude film terecht. Het toestel stationeert zich op een grindweg, waar we opgehaald worden door een busje dat ons afzet in het houten luchthavengebouw dat dateert uit een vorige eeuw. Het geeft wel iets extra.

Luchthaven in Rurrenabaque
Luchthaven in Rurrenabaque

Vijfendertig graden

We zitten plotsklaps 4000 meter lager, het vliegtuig heeft gedurende de hele vlucht, het opstijgen in La Paz niet meegerekend, de dertig minuten die de vlucht duurt moeten dalen. De tropische hitte neemt ons onmiddellijk in zijn greep. Vijfendertig graden en een vochtigheid een stuk boven de negentig procent. Ik voel het zweet niet alleen van mijn rug, maar over mijn hele lijf zijn weg zoeken, neerwaarts richting schoenen. Daar zal ik sebiet wat water moeten uitkappen.

Een brommertje met een kleine aanhangwagen komt aangetuft met de bagage. De kans dat hier iets verloren gaat is zeer klein, maar wij zijn van niets meer verwonderd.

Verplaatsing inbegrepen

Wij krijgen een transfer naar ons hotel dat we op voorhand hebben geboekt, verplaatsing van en naar het hotel inbegrepen. Als de chauffeur ons afzet aan ons hotel probeert hij toch nog een betaling te innen. Als ze aan ons sollen zitten, hoe weinig ook, sturen we hem wandelen.

Verf schilfert van de muren

In ons hotel vinden ze geen reservatie op onze naam terug. De kamer is er eentje voor de boeken, de verf schilfert van de muren. De ventilator boven ons bed maakt een hels lawaai en de geur van het toilet is niet te harden. Ik vraag mij toch af dat ze zich niet van hotel hebben vergist. We passeerden nog een hotel van de luchthaven naar hier met dezelfde naam.

Hotelboek

Ik wil toch voor we ons in hun grote hotelboek registreren, eerst naar dat andere hotel gaan. Als blijkt dat dit hotel al een tijdje dicht is, zit er op het eerste zicht niets anders op dan terug naar het ander hotel terug te rijden. Als de eigenaar van dit gesloten hotel toekomt, wil hij ons wel verder helpen want hij weet ook wel welk soort hotel dat andere is.

Twee sterren verschil

Hij belt een tuktuk die met ons naar de organisatie rijdt die dit voor ons geregeld heeft. Als we daar toekomen is het een heen en weer gebel met de organisatie in Sucre die ons deze jungle toer verkocht. Uiteindelijk komen we tot een vergelijk en kunnen we in een hotel terecht waar de standaard iets hoger ligt. Normaal maakt het ons zoveel niet uit, maar als je voor een sterretje meer betaalt en ze geven een ster minder dan is dat twee sterren verschil en dan zitten ze in onze zakken.

Rurrenabaque
Rurrenabaque aan de Beni rivier

Malaria/dengue/zika

We druipen beiden van het zweet als we eindelijk geïnstalleerd zijn in ons nieuw optrekje. ’t Is maar voor een dag, maar in een locatie die vergeven is met de malaria/dengue/zika/en wie weet welke nog meer muggen, kan je maar beter ergens zitten waar je ’s nachts de vensters kan sluiten.

Zwembroekje voor bibi

Buiten alle verwachtingen heeft dit optrekje een zwembad, waar we in de namiddag dan ook gretig gebruik van maken. Niet zonder eerst op jacht te gaan naar een zwembroekje voor bibi, het moet niet veel om het lijf hebben, maar we moeten ook zien dat we de locals niet in shock brengen.

Liveoptreden

Schuin over ons hotel is er een liveoptreden dat ik wel kan smaken, vraag is of ik dit na twaalf uur vannacht ook nog zal kunnen? 😉 Morgenvroeg komen ze ons om 9u30 oppikken om dieper het Amazonewoud in te trekken en de pampas te verkennen, of we dan nog online zijn kan ik niet met zekerheid zeggen.

Deel onze weg

Metro in de lucht

Internationale luchthaven?

Foto’s La Paz

Rond half negen nemen we afscheid van onze gastvrouw in de leuke B&B van Sucre, ze belooft dat ze in Katelijne zal langskomen als ze naar België afzakt om te komen studeren in Antwerpen. Om acht uur dertig staat de taxi voor de deur die ons naar de ‘Aeropuerto Internacional Alcantari’ brengt. Dat internationaal ontgaat ons een beetje, ze is een voorschoot groot en als er twee vliegtuigen op het tarmac staan zit het bakje vol. De meeste taxi’s – en zo ook weer deze – rammelen bijna helemaal uiteen. Ik ben altijd blij dat we de eindmeet halen met die roestbakken.

De luchthaven is trouwens op meer dan 4000 meter gelegen en ik voel weerom een stekende koppijn. Ik neem een pilletje voor de hoogte en ik voel die miserie zo wegtrekken.

Formaliteiten

Op de luchthaven lezen we wat om de tijd te doden en voor we het weten krijgen we het sein om in te schepen. Niet voordat we eerst de veiligheid moeten passeren. Dit is eigenlijk wel een grap, hier hebben ze duidelijk nog niet met terrorisme te maken gehad. Gelukkig maar. Ik mag mijn laptops in mijn rugzak laten steken en de twee flesjes water die we bij hebben moeten we eigenlijk ook niet afgeven. De formaliteiten verlopen dus zeer snel en daardoor vertrekt de vlucht zomaar eventjes meer dan een kwartier vroeger dan voorzien.

Ik zie vanuit de lucht welk een toeren de bussen hadden moeten uithalen om hier te geraken en ik denk zo bij mezelf: ik zie hier 15 uur bus onder mij voorbij glijden in 50 minuten.

We landen in La Paz en tien minuten later zitten we in een taxi die ons op minder dan dertig minuten 500 meter lager afzet in ons nieuw hostel. La Paz is wel iets eigenaardig. Ik hoop dat de foto’s het een beetje duidelijk maken want dit is toch wel iets speciaals.

Aymara
Een Aymara op de ‘mercado de las brujas’

Witches market

We kappen onze rugzak af en verkennen onmiddellijk de stad, onderweg kunnen we het toch niet laten om in een Engelse pub iets te eten en te drinken. Daarna vervolgen we onze weg naar de Witches market, waar een overvloed aan kleuren de straat kleurt.

Muslera

We bezoeken weerom maar eens een Franciscaner klooster… hier moeten begot heel wat broeders en paters geleefd hebben. Hier wonen er trouwens nog echte. We krijgen een rondleiding in het Engels en dat maakt het voor mij iets gemakkelijker om te volgen. Ik begin zo hier en daar wat gesprekken te volgen in het Spaans, maar in het Engels is het toch iets comfortabeler, en bovendien moet Hilde niet altijd voor vertaler spelen. We kruipen ook deze keer weer bovenop het dak waar de muslera zij aan zij liggen, dit is een dakpan die op de alom gekende Spaanse dakpannen gelijken, maar deze zijn gevormd op het dijbeen van de maker. Vandaar natuurlijk muslera… gemaakt op de spieren.

Ook krijgen we heel wat schilderijen te zien vooral van de madonna met (halve maan omhoog) of zonder kind (halve maan omlaag), toch de meesten zijn anoniem, omdat ze zijn gemaakt door de inheemse bevolking die noch kon schrijven, noch kon lezen. Eentje tekent onderaan met zijn zelfportret. De inheemse bevolking hier is niet Quechua, maar Aymara.

Luchtmetro

De stad is gebouwd op zo’n hoogteverschillen en toch is alles eenvoudig bereikbaar. Niet met een gewone metro, of met een taxi, die hier ook wel rondrijden, alsook, kleine bussen en trufi’s, maar de stad is helemaal bereikbaar met een luchtmetro… kabelbanen. Er zijn een stuk of vijf à zes lijnen in verschillende kleuren, een beetje naar analogie van de metro’s en je kan van de ene op de andere overstappen. Het is niet mijn lievelingstransport maar we laten ons toch verleiden om de hele stad te doorkruisen, bovendien nog eens van lijn te wisselen en zowaar ons naar het hoogste punt te laten trekken. Je hebt een prachtig zich over de stad in deze karretjes, maar telkens je een piloon passeert is het toch even slikken. Aan het eindpunt hoog boven de stad bevindt zich een mirador vanwaar je een goed overzicht hebt.

La Paz
La Paz

In het terugkomen stoppen we aan de tweede halte en lopen vandaar via een straat met restaurants en gezellige bars terug naar ons hotel.

Toerista

Ondertussen heb ik mij al een paar keer moeten reppen om een toilet te vinden… de toerista heeft toegeslagen. Ik heb al twee keer het recept van het tropisch instituut uitgeprobeerd zonder veel resultaat. Ik stop in ons hostel om uit te rusten terwijl Hilde nog een broodje gaat halen in de pub.

Hopelijk is het morgen een stuk beter want dan klimmen we weer in een vliegtuig, deze keer echter een heel kleintje om ons naar onze volgende bestemming te brengen diep in het Amazonewoud.

Deel onze weg

Zebra’s in de stad

Zakken maar

Ons appartement in Potosí, was gelukkig groot genoeg om de hele nacht in rond de dwalen zonder dat ik Hilde moet wakker maken. Mijn longen branden van de pijn, we ontbijten en besluiten om zo snel mogelijk af te zakken naar Sucre dat toch 1300 meter lager is gelegen.

Tegen kwart voor acht staan we gepakt en gezakt aan het onthaal, betalen onze overnachtingen en vragen aan de gastheer om een taxi te bellen. “Oh”, antwoordt hij, “dat is niet nodig, rond deze tijd rijden er taxi’s zat, we houden wel een tegen.” Inderdaad hij stapt buiten en de eerste auto die passeert is een taxi die ons naar de verzamelplaats van de trufi’s brengt die naar Sucre rijden. Als we op de verzamelplaats voor de trufi’s komen, worden we langs alle kanten aangesproken voor een taxi. We wijzen ze allemaal af omdat we eerst even de boel willen overzien. Voor 100 B$, zo’n 12 euro worden we tot voor onze B&B gebracht in Sucre. Hilde twijfelt nog even omdat ze er nog iets wil afpitsen, maar voor die prijs 130 km verder, gaan we op den duur toch akkoord.

Slaapwel

Zigzaggend zoekt de chauffeur zijn weg naar de hoofdstad van Bolivia, ik weet er deze keer niet veel van omdat ik omval van de slaap en er uiteindelijk ook aan toegeef. We zijn dus sneller op onze nieuwe locatie dan ik me had voorgesteld. Hilde heeft het iets minder comfortabel op de middelste plaats op de achterbank tussen twee slapende mensen.

In ons sas

We worden ontvangen door een studente die ons in het Vlaams aanspreekt, ze woonde twee jaar in Lint en leerde Nederlands in Mechelen. Ze beheert onze taal meer dan behoorlijk. Ons optrekje is een stuk kleiner, maar we voelen ons onmiddellijk in ons sas. De sfeer is geweldig en de omgeving evenzo.

Stadszicht Sucre
Stadszicht Sucre

Omtrek van mijn longen

We verkennen nog eventjes de stad vooraleer toe te geven aan een middagdutje na onze slechte nacht. Het ademen verloopt alvast een stuk beter, maar ik kan met een stift de omtrek van mijn longen op mijn bast tekenen, zo goed voel ik waar ze liggen. We regelen tijdens onze verkenning een vliegtuig voor La Paz binnen twee dagen en leggen onze B&B vast voor nog een extra nacht. Ik hoop dat ik tijdens deze twee dagen voldoende herstel, want La Paz lig weer een stuk hoger op ongeveer 3600 meter. We konden ook kiezen voor de nachtbus naar La Paz maar een hele nacht schudden in een overvolle stinkende bus, laat ik met plezier aan ons voorbij gaan. Voor een paar euro meer sparen we trouwens meer dan twaalf uur uit. We maken ook plannen voor een volgende expeditie, toch daar vertel ik later meer over.

Studenten en scholieren

Nadat ik voldoende de binnenkant van mijn oogleden heb bestudeerd, trekken we terug de stad in en genieten van al het lekkers dat Sucre, trouwens de wettelijke hoofdstad van Bolivia, te bieden heeft. La Paz huisvest de regering, in Sucre is als enige noemenswaardige overheidsinstantie het Hooggerechtshof geïnstalleerd. Een meer dan leuke stad waar de hele dag studenten en scholieren zich amuseren op de talrijke pleintjes die de stad rijk is.

We sturen de rekeningen

We proberen nog enkele winkels op zoek naar wat extra kledij, met succes deze keer. We sturen de rekeningen nogmaals door naar de luchtvaartmaatschappij, maar vrezen dat dit parels voor de zwijnen zijn.

Amazonegebied

We kruipen vroeg onder de wol, en ik moet zowat mijn record slapen verbroken hebben. Ik voel mij al een stuk beter en we wapenen ons voor een tweede ronde Sucre. We hebben een nachtje geslapen over onze nieuwe expeditie en leggen een retourtje La Paz – Rurrenabaque vast waar we drie dagen in het Amazonegebied zullen ondergedompeld worden.

Zebra’s

We zien verschillende zebra’s in het centrum rondlopen… “Zebra’s?”, hoor ik je denken. Wel dit zijn jongeren verkleed in zebra’s die in heel Bolivia de mensen veilig over de zebrapaden leiden. We zagen hier trouwens in België een reportage van op ‘Evenaar’, onze favoriete reiszender. Alle centrale pleinen die we tot nu toe zagen in zowat alle plaatsen waar we waren, zijn min of meer op dezelfde manier ingericht. Het is een beetje opgevat als een park met veel lommer, fonteinen, standbeelden en vele banken waar je kan relaxen. Een leuke ontmoetingsplaats waar het goed toeven is. Niet alleen de pleinen zijn trouwens leuke ontmoetingsplaatsen, ook de centrale laan in het kerkhof is zodanig opgevat dat jongeren hier elkaar ontmoeten, musiceren, hun bokes komen eten en vrijen met hun lief op een van de vele banken.

Begrafenisstoet

Op het kerkhof zijn we getuige van een begrafenisstoet van een Quechua, het verdriet van de eindeloze stoet die de lijkwagen volgt, is intens.

Long-weet-ik-veel-wat-probleem

We stoppen nog maar eens bij een apotheker en vragen een straffer middeltje voor onze verkoudheid/keelontsteking/long-weet-ik-veel-wat-probleem. Ze geeft ons het strafste dat ze in huis heeft. Ik weet niet welk verboden middel ze in mijne koffer gedraaid heeft maar minder dan een half uur later zijn we beiden een stuk beter.

Taxi!

We sparen vandaag onze korte asem en nemen iedere keer een taxi om van de ene bezienswaardigheid naar de andere te rijden. Het kost ons iedere keer, hoe groot de afstand ook is € 1,2. Zeg nu zelf, daar kunt ge uw schoenen toch niet voor verslijten. Trouwens op het einde van de dag hebben we nog 15.000 stappen.

Artiesten

In het noorden van de stad heb je het park van Simon Bolivar. Ik zie er drie studenten gitaristen bezig, die ik een liedje voor ons laat zingen. Als ze blijven oefenen zullen het nog grote artiesten worden. Helemaal aan de andere kant van de stad in het zuiden op een heuvel bevindt zich Recoleta, hier heb je een prachtig uitzicht op de stad.

Recoleta
Recoleta

Cederboom

We bezoeken daar nog een klooster van Fransicaners, waar we weerom een privé rondleiding krijgen. In het convent bevindt zich een Cederboom van 1500 jaar oud, waar je een wens kan doen als je driemaal tegen de klok in rond de boom loopt of voor een geweldig huwelijk als je één keer met de klok mee loopt. Wensen is toch slechts voor persoonlijke verrijking, dus wij lopen… juist, linksom 😉 Je hebt 12 mensen nodig om hand in hand rond de boom te geraken. Ook hier, net zoals in de rest van de bezienswaardigheden betalen niet-Bolivianen drie keer zoveel als Bolivianen. Als je weet dat onze toegang telkens nog geen 20 cent kost, hoor je ons niet klagen.

Kantuka

Hilde kan nog een foto nemen van een Kantuka, de nationale bloem van Bolivia. De kleuren van de bloem komen voor in de kleuren van de vlag. Trouwens zo leerden we vorige week van onze Italiaanse vrienden dat de kleuren van de vlag altijd wel een betekenis hebben. Zo staan de kleuren van de Italiaanse vlag voor het volgende: Rood, voor het bloed dat gevloeid is tijdens de onafhankelijkheid, wit voor de vrede en groen voor de natuur… Weet iemand waarvoor het zwart en het geel staat in onze vlag? 😉

Kantuka, Nationale bloem
Kantuka, Nationale bloem van Bolivia

Aalmoes

We krijgen vandaag een voorstel van Latam voor het geleden leed van de voorbije veertien dagen zonder rugzak😉. We aanvaarden hun aalmoes onder voorwaarde dat ze na dertig dagen, wanneer ze stoppen met zoeken, de volledige inhoud van de rugzak vergoeden.

Deel onze weg

We zoeken het hogerop

Hoogst gelegen stad ter wereld

Foto’s Potosí

Potosí, de hoogst gelegen stad ter wereld, op zo’n 4060 meter hoog. Bekend vooral voor het zilver. Er zijn hier nog enkele actieve zilvermijnen, die zelfs kunnen bezocht worden. De veiligheid schijnt nogal aan het toeval overgelaten te worden, dus beslissen we om ze toch maar niet te bezoeken, we nemen zo al genoeg risico’s.

Uitlaatgassen

Het is een geweldig leuke stad, maar de nauwe straatjes en het toch drukke verkeer, met in het bijzonder de microbussen, zorgen nogal voor wat uitlaatgassen. Hilde loopt zelfs dikwijls met haar zakdoek voor haar mond.

Quechua

In het eerste gebouw dat we bezoeken, de ‘Torre de la Compañia de Jesús’ krijgen we een mooi overzicht over de stad, een mirador zoals ze hier zeggen. Ons ticket kunnen we bewaren om vanavond de stad in het donker te komen bekijken. We lopen de rest van de voormiddag de stad plat en vallen van de ene verwondering in de andere. Allemaal prachtige gebouwen met zowel Spaanse invloeden als de kleurrijke aanvullingen van de inheemse bevolking, waaronder de Quechua.

Medicijnenzakje

We bezoeken nog wat apothekers om onze medicijnenzakje wat aan te vullen. En kuieren nog wat door de stad van de ene bezienswaardigheid naar de andere. Ook de Mercado Central is een aangename stop, het heeft een totaal andere setting dan de markten die we tot nu toe bezochten.

Mercado central
Mercado Central

Zilverwerk vol met coca

We mislopen onze afspraak in de voormalige muntslagerij van Bolivia ‘Casa de la Moneda’, maar vlak na de middag krijgen we nog een tweede kans om het museum te bezoeken. Deze keer zijn we wel op tijd, de poort is zelfs nog gesloten als we er voor de tweede keer arriveren, we willen natuurlijk geen tweede keer een blauwtje lopen. Aan de ingang zit een oude Boliviaanse vrouw die zilverwerk verkoopt. Ze houdt haar zakje cocablaadjes vast, waarvan ze een voor een de nerf uit het blad haalt alvorens ze dit in haar mond steekt. Ze ziet dat ik haar in het oog houd en ze vraag of ik enkele blaadjes moet hebben. Natuurlijk wil ik het wel eens proberen zonder die bittere nerf. Ze geeft me een handvol en ze is maar wat blij met die twee Boliviano die ik haar geef. Ik probeer het dus terug op de juiste manier door de nerf te verwijderen en het smaakt al een stuk beter, niet in die mate dat ik er verslaafd zal aan geraken. Mijn benen voelen precies al wat lichter aan en volgens Hilde is de schelmerij in mijn ogen nóg meer toegenomen😉.

Veiligheidsagent

Het museum zelf is meer dan de moeite waard, een wandeling door de geschiedenis van het slaan van munten. We krijgen zelfs een rondleiding in het Engels en worden op de voet gevolgd door een veiligheidsagent…

Mirador

De kathedraal is open tot 17 uur, dus we besluiten die eerst te bezichtigen alvorens we naar Museum Santa Theresa gaan. Ook voor een rondleiding krijgen we een persoonlijke gids mee. We zijn trouwens alleen in de kathedraal en dat geeft toch een bijzonder sfeertje. Ook de mirador boven in de klokkentoren met zicht op de stad is zeker de moeite waard, maar de hoeveelheid trappen die we vandaag slikken begint buiten alle proporties te geraken.

El Cerro Rico
El Cerro Rico

Thee

Aangezien we tot zeven uur dertig hebben voor Santa Theresa, beslissen we om eerst een koffie te gaan drinken, ons middagmaal hebben we geskipt en onze magen beginnen toch te reclameren. We nemen een versnapering in een leuke bistro, daarbij nemen we nog een thee, op basis van… juist, cocablaadjes. Precies gewone thee, en ik voel niks.

Kloostergang

We komen pas in het klooster museum van Santa Theresa aan om 17u30 en wat blijkt… dat de toer anderhalf uur duurt en dat ze sluiten om 18 uur. We nemen toch een ticket omdat we de kloostergang willen bezichtigen. Als we in die kloostergang wat foto’s aan het nemen zijn, komt er toch een nonnetje achter ons gelopen met een mandje vol sleutels en ze laat ons op een drafje alle hoekjes en kantjes van het klooster zien… Ze moet elke deur openmaken met een andere sleutel en achteraf weer afsluiten. ’t zal mijn hoog knuffelgehalte weer geweest zijn zeker. Wat er ook van zij, zeker de moeite waard.

Mirador bij nacht

’s Avonds sluiten we af in het ‘Torre de la Compañia de Jesús’ waar we nog recht hadden op een bezoek aan de mirador bij nacht. Het zicht op de verlichte stad is een voltreffer.

Potosí by night
Potosí by night

Longoedeem

De cocktail van te veel trappen, te veel luchtvervuiling en de grote hoogte, maakt dat ik ’s nachts moeite heb om te ademhalen. De angst slaat mij om het hart als ik op internet zoek wat het probleem zou kunnen zijn, en vooral hoe we het kunnen oplossen. Dokter internet is nooit een goed idee en zo is het ook deze keer niet. Er wordt gesuggereerd dat het wel eens longoedeem zou kunnen zijn, temeer dat het gepaard gaat met tintelingen in het gelaat. Mijn lippen en nagels zien nog niet purper, maar ik voel mij toch niet gerust. Iedere keer ik mij toch probeer neer te leggen is het of mijn luchtpijp toevalt. Ik doe de hele nacht geen oog dicht. Gelukkig verhuizen we vanmorgen naar de wettelijke hoofdstad van Bolivia: Sucre, dat toch een stuk lager ligt (2850 meter).

Deel onze weg

Expeditie Uyuni dag 3 en 4

Dag 3

Foto’s Uyuni dag 3

Foto’s Uyuni dag 4

Vanmorgen mogen we een uurtje langer slapen, toch zeg dat maar eens tegen ons intern klokje, Hilde is vanmorgen om zes uur al aan haar foto’s bezig. Op drie dagen moet ze meer dan 500 foto’s door haar kritische oog trekken om er nog een vijftigtal per dag over te houden.

Copa del mundo

Om gisteren te evenaren zullen er wel straffe dingen moeten gebeuren. Het zal een iets kortere dag worden en we starten onze dag aan de ‘Copa del mundo’, iets wat ons in België dit jaar onrechtmatig is ontnomen. Deze is echter van een ander allooi, een rotsformatie in de vorm van de beker, maar dan veel groter, en van een puurheid waar het onze sjotterkes of toch sommige bestuursleden vaak aan ontbreekt.

Mystieke meer
Mystieke meer met ons leuke gezelschap Enrico en Valter

Fantasie

Er staan natuurlijk nog een aantal geweldige bezienswaardigheden op het programma, maar geen enkele haalt het niveau van gisteren. Een wandeling in ‘Italia Perdido’ een rotsformatie die zijn naam ontleent aan twee Italianen die hier spoorloos verdwenen zijn, alhoewel het ons een raadsel is hoe je hier kunt verdwijnen, tenzij… ze onder een van de rotsen liggen die hier zijn afgebroken. Enfin, er bestaan meerdere verhalen. We kunnen allerlei figuren ontdekken in de rotsen… met een beetje fantasie. Je kan het zo gek niet bedenken of we vinden wel iets of iemand waar de grillige rotsen op gelijken.

Slang

Ook Laguna Negro is meer dan de moeite waard voor een korte wandeling. Als we aan de Anaconda komen denk ik eerst dat we ergens een kwekerij van die diertjes gaan zien, maar om dit fenomeen te zien moet je eerst een kleine hindernis nemen… nu ja een kleine hindernis, voor iemand met lichte hoogtevrees is dit geen kleine hindernis. Je moet echt over een smal padje over rechtopstaande rotsen waar je vaak steun moet zoeken op minder dan 10 centimeter van de afgrond, waar je zicht hebt op 300 meter onder jou. Ik weiger om toe te geven en op te geven, en stapje voor stapje bereik ik toch het bovenste van de rots waar je zicht hebt op een rivier die zich onder deze rots zigzaggend een weg zoekt door het landschap alsof het een slang is. Hilde loopt over die rotsen alsof het een wandeling in het park is.

Zodra ik de slang met eerbiedwaardige afstand van de rand van de afgrond heb gefilmd, hou ik het voor bekeken en vang ik op mijn eentje de terugweg aan, met al mijn zintuigen en ledematen op scherp. Vandaag bevorder ik mijn kont zelfs tot een eerbiedwaardig ledemaat dat mij helpt om terug beneden te komen. Als ik terug aan onze auto ben, trillen mijn benen alsof ik een halve kilo cocabladeren binnen heb 😉.

Cocabladeren

Van cocabladeren gesproken, eergisteren had onze kok een zakje van deze bladeren bij en we zouden Hilde en Erik niet zijn moesten we dit niet onderwerpen aan een grondig onderzoek. We kauwen alle twee op enkele blaadjes. Ik weet niet of dit als ambtenaar gepermitteerd is, maar je moet toch weten wat er in de wereld te koop is om het daarna te kunnen afkeuren😉.

Slechte reputatie

Ik moet zeggen, we werden er niet echt vrolijk van, het is alsof je een zakje thee in je bek steekt en er op kauwt tot je bek herschapen is in een zandbak die je zo snel mogelijk wil ledigen, omdat er een kat zijn gevoeg in heeft gedaan. Tot zover dus onze ervaring met deze blaadjes die hier door vele Bolivianen wordt gekauwd om de hoogte tot een zeer laag niveau te brengen. Wij beginnen stilaan een slechte reputatie te krijgen, vorig jaar opium in Salawas, India en nu cocabladeren in Bolivia… we zullen er ver mee komen😉.

Seksorgie

Ondertussen zien we vandaag nog enkele andere dieren in het wild (en dit heeft niets te maken met het voorgaande). We zien een Biscacha (het Nederlandse woord hiervoor hebben we nog niet gevonden, als er al een voor is), dit is een konijn dat een seksorgie had bij eekhoorns of een eekhoorn die een konijn heeft verkracht. We zien nog wat ezels in het wild, maar ik twijfelde of ik dit wel zou publiceren want ongetwijfeld zijn er die gelijkenissen zullen zien met ondergetekende.

Quechua

Hoewel de pampas vooral terug te vinden zijn in Argentinië, zijn hier toch ook enkele subtropische graslanden, aan het gras dat er groeit kunnen volgens mij alleen lama’s en aanverwanten zich te goed doen, zo stijf.  Pampa betekent zoveel als vlakte in het Quechua, een nog actieve oude taal die onze chauffeur machtig is.

Ieder keer we stoppen om iets te bekijken moet ik achter het stuur kruipen om de auto te starten terwijl de chauffeur onder de auto hangt om een of andere verbinding te maken met de batterij.

Bierproeven

Tegen de late middag stoppen we in Julaca waar er een etablissement is waar je verschillende soorten bier kan proeven, wij wagen ons aan eentje met koffie en eentje met honing. Als je al een paar dagen droog staat smaakt het, maar prijzen zullen ze er nooit mee halen.

Puppy

Een kleine pup die speels met de linten van onze rugzak komt spelen verovert ieders hart. Als we vertrekken volgt het diertje ons en springt hij voor de wielen van onze jeep. Ik hoor hem janken, maar onze chauffeur ziet in zijn spiegel dat alles in orde is met hem. Iedereen in de auto is toch wat verschoten. We zijn in shock.

Zouthotel

Tegen vijf uur komen we aan in ons zouthotel, een hotel gebouwd met zoutstenen, ook op de grond ligt er gewoon zout in plaats van vloer, leuk maar niet handig als je van schoeisel wil veranderen. We installeren ons en tegen zes uur staat Wilfredo daar om naar de zonsondergang te gaan kijken in de Salar. De Salar de Uyuni is de hoogstgelegen zoutvlakte ter wereld en bovendien de grootste. Ze beslaat een oppervlakte van 12.000 km², en meet van oost naar west 180 km en van zuid naar noord 75 kilometer. Een indrukwekkende vlakte van witte zoutkristallen, waar je het gevoel hebt op een ijsvlakte te zitten.

Traktatie

Optisch bedrog op de Salar de Uyuni
Optisch bedrog in de Salar de Uyuni

We kunnen met de hulp van Wilfredo enkele leuke foto’s maken met wat optisch bedrog. De zonsondergang is er eentje uit de duizend, we staan ergens op de vlakte waar geen ander levend wezen te bekennen is en worden getrakteerd door onze chauffeur op een glaasje wijn en een knabbeltje. Dit zijn van die momenten die voor eeuwig en drie dagen op uw pupillen vastliggen.

We worden in ons zouthotel (zout ja, hotel is er misschien wat over) weerom op een glas wijn getrakteerd en het moet gezegd een van de beter dinertjes.

Dag 4

Vanmorgen staat onze wekker op kwart na vier ‘s morgens want de zonsondergang is dan misschien spectaculair, de zonsopgang is dit nog des te meer. Hiervoor rijden we naar een rotsformatie, een eilandje midden in de Salar waar cactussen staan van meer dan 7 meter hoog. Het is nog donker als we de Salar oprijden, het heeft iets bevreemdend zo over een zoutvlakte rijden. Hier en daar zien we natuurlijk in de verte nog een jeep rijden want we zijn hier natuurlijk niet alleen. Af en toe legt Wilfredo de lichten af en rijden in het pikkedonker over de zoutvlakte… een beetje buitenaards.

Zonsopgangen

Als we aan het eiland ‘Incahuasi’ komen moeten we nog een hele klim naar boven doen, op deze hoogte op je nuchtere maag… geen sinecure. Mijn longen branden als we boven komen. De lucht  kleurt rood-oranje, het moment voor de zon opkomt is zowaar nog kleurrijker. De rotatie van de aarde zorgt er voor dat we met mondjesmaat het zonnetje te zien krijgen. Hoe vaak we al van zonsopgangen hebben kunnen genieten op alle continenten, het blijft toch wel spectaculair.

Dood

Als de zon haar gezicht bijna helemaal laat zien, komen we terug Balder en Heleen tegen, twee Belgen die we op de wijntoer in Tarija leerden kennen. Ze kijken wat bedrukt en vertellen ons dat de puppy die door onze jeep is geraakt het niet heeft overleeft. Dit is natuurlijk wel een serieuze domper op de feestvreugde. De trekkers die gisteren ook op het terras zaten en die het zagen gebeuren waren allemaal behoorlijk zwaar aangeslagen. Daar schijnt nogal een traantje gevloeid te zijn. Wij voelen ons natuurlijk schuldig dat we niet teruggekeerd zijn, maar aangezien onze chauffeur ons vertelde dat het beestje wegliep, gingen wij uit van de veronderstelling dat alles in orde was. Misschien was het zelfs beter zo, want de eigenaar was behoorlijk boos en van wat we nog van andere reizigers hoorden, zou dit wel eens uit de hand kunnen gelopen zijn.

Ontbijt op zouten tafels

Ook Wilfredo is aangeslagen als Enrico hem het nieuws vertelt tijdens het ontbijt dat ons wordt aangeboden op zouten tafels midden van de Salar. Na het ontbijt is de sfeer te snijden, we rijden stilzwijgend verder de Salar in tot we ergens halt houden waar we volledig omringd zijn door de zoutvlakte. Trouwens, in januari tijdens het regenseizoen wordt deze vlakte herschapen in de grootste spiegel ter wereld, want dan vormt er zich een klein laagje water bovenop het zout.

Toyosa

Onze chauffeur probeert de sfeer er terug wat in te krijgen door wat gekke foto’s en filmpjes in regie te zetten. Vergeten doe je dit voorvalletje niet, maar niemand treft hier natuurlijk echt schuld. De enige les is dat je een pup niet vrij moet laten loslopen waar jeeps af en aan rijden. Hilde zit vandaag vooraan in de jeep en ze bevestigt dat je met het hoge kofferdeksel van onze Toyosa (neen, dit is geen schrijffout) moeilijk kan zien wat er vlak voor je wielen gebeurt.

We stoppen nog bij een voormalig hotel dat wegens te vervuilend alleen nog gebruikt wordt voor de toiletten en aan een monument voor de rally Potosí, een beetje de Parijs-Dakar van Zuid-Amerika. We stoppen nog bij een artisanaal marktje, hoe kan het ook anders, waar ze de toeristen loslaten voor souvenirs uit de Salar.

Salar de Uyuni
Salar de Uyuni

Treinkerkhof

Als we in het stadje Uyuni komen, bezoeken we nog een treinkerkhof waar alle oude locomotieven sinds 1906 staan verzameld, zeg maar opgestapeld.

We genieten nog van een laatste lunch met lamavlees en quinoa in dit gezelschap. We zijn tijdens onze vierdaagse trouwens verschillende quinoa velden gepasseerd, dit is zowat het enige dat op deze hoogte en droogte behoorlijk kan geteeld worden.

Daarna zet onze chauffeur ons af aan de halte waar de bussen vertrekken naar onze volgende bestemming. We nemen uitgebreid afscheid met weerom de belofte dat we elkaar nog zullen terugzien. Valter en Enrico reizen door naar Chili.

We zijn terug op onszelf aangewezen. Gisteren konden we gelukkig dankzij de telefoonkaart van Enrico ons volgend hotelletje vastleggen.

Bus versus Trufi

We twijfelen of we een trufi dan wel een bus zullen nemen. Het is half een en de bus vertrekt om 13 uur, een trufi vertrekt maar pas als hij vol zit. Als we een chauffeur van een trufi vragen of hij naar Potosí rijdt, verwijst hij ons naar vier andere trufi’s maar zegt er wel bij dat het veiliger is om de bus te nemen want die vier gasten zijn zo zat als een snep vanwege een feestje.

We kiezen dus wijselijk voor de optie bus. De voorbije vier dagen reden we met de jeep op pistes (onverharde wegen). Ook hier weer moet de bus slingerend zijn weg vinden tussen de bergen, maar met vaste grond onder de wielen voelt dit toch comfortabeler aan en bovendien moet ik niet meer achter het stuur kruipen om het spul te starten.

Buswalm

Na een dikke vier uur komen we in Potosí aan, waar ik niet kwaad voor ben want de geuren van eten en drank walmt door de hele bus. Aan de bushalte nemen we nog een taxi om de laatste vier kilometers te overbruggen en die kost ons bijna zoveel als de hele busrit. Toch mogen we niet klagen, want voor dertien euro (bus en taxi inbegrepen) voor ons beiden, worden we voor de deur van het hotel afgezet.

Bubbelbad

Het is een iets duurdere kamer dan we gewoon zijn, maar we moeten wat wasjes doen (ik heb niet veel reserve weet je nog wel) en we willen bovendien wat verwend worden. Het gebouw is net zoals in Tarija verouderd, alsook de kamer, maar ik moet eigenlijk zeggen appartement, want naast een slaapkamer, een badkamer met bubbelbad (dat we niet gebruiken), hebben we een volledig ingerichte keuken (die we evenmin zullen gebruiken), een zitkamer, een salon en een volledig ingericht bureau. Enig nadeel is: we moeten er vier verdiepingen voor omhoog, zonder lift. Ik heb de rugzak van Hilde vast en als ik boven kom heb ik het gevoel dat mijnen tikker er langs mijn bek wil uitspringen. Duur? Absoluut niet, we betalen € 55,- voor de overnachting voor ons beiden, wat hier misschien wel veel is, maar naar Europese normen zeker niet.

Wasdag

We houden vanavond wasdag, schrijven wat, werken wat aan de foto’s. Het publiceren gaat zodanig moeizaam dat ik in mijn mail, die ik gisteren verstuurde melding maakte dat er geen foto’s konden gepubliceerd worden. Veel later op de avond na tien uur, begon het wel te lukken. Gelukkig kon ik nog in het bericht zelf de links van de foto’s zetten.

Deel onze weg

We must take adventures in order to know where we truly belong.